De Leugen Regeert

stâld yn media

Beroepskeuzes komen met verplichtingen. Zo houd ik me half en half bezig met al wat de media beroert, ook al interesseert het meeste mij maar matig. Mediapolitiek is in Nederland omroeppolitiek. En de Nederlandse publieke omroep is een volkomen oninteressante verzameling gescheiden opererende clubjes, die in hun eentje nauwelijks iets presteren, maar het desondanks verdommen om zichzelf op te heffen.

Tuurlijk, er zijn wel wat aardige radio- en televisieprogramma’s. En de VPRO is leuk bezig online. Maar dat zijn de uitzonderingen. Ik ben bijvoorbeeld om wel gedegen geïnformeerd te worden allang naar de buitenlandse zenders gevlucht.

Met dit oog kijk ik dus weleens naar het TV-programma De leugen regeert. Dat gaat zogenaamd over media. Maar media is in dit programma dan weer vooral wat een of andere journalist van een krantje nu weer in zijn kippendrift tot scoren verkeerd in de krant heeft gezet.

Gut toch. De mediawereld verandert op het moment op allerlei fronten fundamenteel. Daar zijn prachtige informatieve programma’s aan te wijden. Maar De leugen regeert staart dan toch maar liever navel. Dat is ook wel zo makkelijk, want dan kun je met wat pratende hoofdjes aan een tafeltje volstaan. Lekker goedkoop ook.

Publieke omroep in Nederland is: het mag vooral niets kosten, en al helemaal niet enige pretentie hebben.

En dan staken ze vanavond dus ook nog, in dat programma. Er is gewoon geen uitzending. Uit protest tegen de plannen van de Raad van Bestuur van de omroep om de zenderprofielen te veranderen, vanaf 1 september 2006.

Fijn, hoef ik tenminste ook niet te kijken.

En goed, ik begrijp iedereen die beschermen wil wat hij of zij heeft. Zelfs als dat tegen beter weten in is. Maar druk kan ik me niet maken om een kleingeestig mediaprogramma, in een volkomen verkalkt publiek bestel.

Wat weten is

stâld yn media

wat weten is
het domme weten van aanname
of weten van doordrongen zijn
de wereld die door mijn zintuigen
naar binnen in mijn hersens
steeds het beeld verschrikt
geproefd, gevoeld, gewogen
van mij deel is geworden, ik van haar
ach wist ik alles maar van jou, wij van elkaar

D. Hillenius, Verzamelde gedichten, 274

Classic Poets’ Voices Online

stâld yn poezy/poëzie/poetry

At The Poetry Archive.

MP3 of Week 49

stâld yn mp3/muzyk fan ’e wike

Tom Paine, Common Sense [audiobook]

The first real American bestseller. Though, granted, the reader of this audiobook has something annoyingly robotic in his voice, [though it could be the heavy audio compression]

Almost Perfect Paper Planes ii

stâld yn alg.

And how to fold them [flash].

de passie voor literatuur verdween

stâld yn boeken/books

Ik vermoed dat we in de jaren zestig samen met de rol van de vaderen ook de rol van de literatuur ter discussie zijn gaan stellen. Wellicht is toen ook de impact van literatuur op het denken van de mensen beginnen te verwateren. Vertel mij eens, wat zou ik en met mij heel wat gestudeerde jongeren zich moeten aantrekken van wat een Kristien Hemmerechts te zeggen heeft over lange of korte rokken? We horen het wel bij de kapper. Wel, er is een tijd geweest dat wanneer een schrijver zijn oordeel uitsprak over het dragen van lang haar of korte rokken, dat gewicht had. Dat is weg uit de maatschappij.

Julien Weverbergh, ‘Het is zo muisstil in de letteren’

via

Memoires van een hulpsinterklaas i

stâld yn memoires

Een snor zal ik nooit dragen. Dat hoeft ook niet. Ik ben geen politieagent, militair of macho.

Snorren kriebelen. Helemaal voor wie een volle snor draagt, en geen stiff-upperlip heeft. Dat weet ik uit eigen ervaring. Mijn lippen bewegen als ik praat, en ik heb jarenlang als hulpsinterklaas een volle witte plaksnor meegetorst.

Elk jaar rond deze tijd gaan mijn gedachten terug naar mijn eerste optreden als Sint, ergens midden jaren tachtig. Toen ik nog nietsvermoedend voor de schminkspiegel zitten ging, om in een paar minuten eeuwen ouder te worden gemaakt door de grimeur van dienst. Gelukkig was zij zo vriendelijk om uit te leggen wat ze deed. Bestaande lijnen zou ze versterken, ook al ontbraken die dan nog in mijn afgetrainde tienergezicht. De wallen onder mijn ogen vergroot, mijn rimpels verdiept.


illustratie uit:
Paulus de hulpsinterklaas

En ach, het hielp allemaal niet. Pas met het opplakken van de overdreven grote wenkbrauwen en de stijve witte knevel werd ik een beetje die heilige ander.

Het was volkomen toeval dat ik daar zat. Want, het heerste. De moeder van een studievriend zat in een of andere bestuur van openbare scholen, en was in paniek geraakt over het grote tekort aan hulpsinterklazen dat jaar. Daarom werden die overal vandaan gerecruteerd. Zelfs ik was al geschikt hulpsintmateriaal.

Daarom zat ik op een willekeurige decemberochtend, zo maar in een jurk verkleed als bisschop in een of ander Opeltje, om mij met een paar volkomen vreemde mensen, op weg te spoeden naar een basisschool waarop ik ook al niemand kende.

Tijd voor regie-aanwijzingen was er nauwelijks geweest. Het enige dat me verteld was om niet zo verend te lopen als ik blijkbaar was gewoon te doen. De Sint is natuurlijk een statige man op leeftijd, en niet zo’n atleet als ik toen nog.

Maar ach, regie-aanwijzingen waren ook niet nodig. De eerste kindjes die me zagen, keken me zo angstig bewonderend aan, en mijn komst veroorzaakte zoveel blije commotie dat ik als vanzelf in mijn rol viel. De juffen hadden goed voorbereidend werk gedaan. Het bezoek ging voorbij als in een roes; mijn debuut als hulpsinterklaas was een mirakel.

Toch was ik heel blij dat het erop zat. Die snor kriebelde te erg. Ook al omdat krabben slecht gaat met witte handschoenen aan. En ik had een enorm droge mond gekregen van alle gepraat.

Was iemand zo vriendelijk om me veel te hete koffie te geven, die ik ook nog door een rietje tot mij nemen moest.

Dus, eenmaal terug op de hulpsinterklazenfabriek was ik blij uit het kostuum verlost te kunnen worden. Alleen bleek daar enige paniek te zijn uitgebroken. Het toch al smalle bestand aan sinterklazen was door de griep nog verder uitgedund. Wilde ik er alsjeblieft maar meteen opnieuw op uit, naar een andere school om de kindjes daar een plezier te doen?

Bleek ik onverwacht gevoelig voor dat verzoek, ondanks de dorst en de jeuk. Waarschijnlijk omdat de dringende vraag kwam van een tenger blond meisje, dat alwel tot piet geschminckt was, maar haar pruik nog niet had opgezet. Ze keek er zo zenuwachtig ernstig bij, maar ze zag er belachelijk uit; met die nog inwitte rand vel bij de haargrens, boven al dat kunstmatige bruin.

Iets later kreeg datzelfde meisje een paniekaanval, toen haar prille rijvaardigheid niet opgewassen bleek tegen de overvolle wegen, de natte sneeuw en hagel, en de vreemde auto waarin ze rijden moest. De verzamelde stress van dat ene uur werd d’r even te veel. Na wat machteloos gevloek, en te veel toeterende auto’s achter ons, begon ze stil schokkend te huilen. En ik zat daar maar stom voorin naast haar geklemd. In al het witgoed dat per se niet vies mocht worden.

De andere piet achterin kon niet auto rijden, en we waren al zo laat. Dus kroop Sint na een onhandige poging om de chauffeuse te troosten uit arren moede zelf maar achter het stuur. Trouwens wel na eerst, onder grote belangstelling van het voortsukkelende verkeer, midden op straat zijn rode tabbert te hebben uitgetrokken. Die belemmerde mij zeer in mijn normale beweging. Er zijn nog andere redenen dat bisschoppen plechtig schrijden.

Was het nog een geluk dat die auto een lelijke eend was, anders hadden mijn rokken me nog deerlijk in de weg gezeten om bij de versnellingspook te kunnen.

Bij het invoegen in de verkeersstroom, keek ik dan wel weer hinderlijk tegen mijn baard aan steeds.

[wordt vervolgd]

Pop’s your uncle

stâld yn illústraasjes, media

Andrew Hearst designed this magazine cover, just to show what can happen when designers pop up magazine covers too much.

But then some people thought it was a real cover, so it became a kind of urban legend last summer.

Question of the day: but what about this cover then?.

Ada

stâld yn boeken/books

Vladimir Nabokov’s Ada or Ardor: A Family Chronicle. With annotations by Brian Boyd.

[only for rereaders]

The industrial classroom

stâld yn kultuur

Boys have a lot of Huck Finn in them — they don’t, on average, learn as well as girls by sitting still, concentrating, multitasking, listening to words. For 20 years, I have been taking brain research into homes and classrooms to show teachers, parents and others how differently boys and girls learn. Once a person sees a PET or SPECT scan of a boy’s brain and a girl’s brain, showing the different ways these brains learn, they understand. As one teacher put it to me, “Wow, no wonder we’re having so many problems with boys.”

Yet every decade the industrial classroom becomes more and more protective of the female learning style and harsher on the male [...]

Michael Gurian, Where Have the Men Gone?

Though the question remains: where do all those smart girls disappear to, once they have finished their education?

Short [News Just In]

stâld yn linkdumps

Halt, Dynamos

stâld yn boeken/books, poezy/poëzie/poetry

Do not work harder than required to work,
Young men should sit around and drink all day;
Laze, laze, ignore the pressure not to shirk.

Though poor men may apply to be a clerk,
Because their jobs are not exciting they
Do not work harder than required to work.

Rich men, who sell and buy, eat at Le Cirque,
And take their “business trips” to Saint-Tropez,
Laze, laze, ignore the pressure not to shirk.

Old men around retirement age who lurk
At desks and hope no tasks will come their way
Do not work harder than required to work.

Smart men, in school, who learn with blinding smirk
That coasting through a class still earns an A,
Laze, laze, ignore the pressure not to shirk.

Don’t visit every world like Captain Kirk;
Picard knows that the bridge is where to stay.
Do not work harder than required to work.
Laze, laze, ignore the pressure not to shirk.

Halt, Dynamos [Dylan Thomas]

From the collection Holy Tango of Literature, by Francis Heaney. Published under the motto:

“The question of what would happen if poets and playwrights wrote works whose titles were anagrams of their names is one that has been insufficiently studied in the past.”

Short [Science debates]

stâld yn linkdumps

Einzug der Gladiatoren

stâld yn Deutsch

Sommige beelden eenmaal gezien, blijven onvergetelijk. Maar sommige beelden zijn zo merkwaardig dat ze in woorden niet uit te leggen zijn aan anderen. Daar moet wel bewijs bij.

Ik wist al een jaar dat er in Duitsland een bokser actief was met de achternaam Abraham. Die, als het zijn beurt was voorgesteld te worden aan het publiek, opkwam met een nogal merkwaardige hymne. Niet het eeuwige ‘We Are the Champions’ klonk, of het dreunende ‘Eye of the Tiger’. Nee, Abraham deed het steevast met het Smurfenlied. Daarmee meteen al een ongenadige psychologische dreun uitdelend aan zijn komende tegenstander.

Zelden zoiets verwarrends gezien als wanneer deze bokser opkwam, met die witte Smurfenmuts op zijn hoofd. Steevast op de voet gevolgd door de witte mutsen van zijn trainer en helpers.

Vanavond bokste Abraham om de wereldtitel van éen van die 350 boksbonden die er schijnen te zijn. Dus hoopte ik dat hij zijn routine trouw zou blijven, en nog eenmaal bokssmurf wilde zijn.

Dat was hij. Maar de tweeslachtigheid die zo prachtig bij eerdere opkomsten te bespeuren was, ontbrak ditmaal. Het was deze keer helemaal niet grappig om de geconcentreerde blik en de wedstrijdspanning op het toch al wat getekende gezicht van de bokser te zien contrasteren met die muts en dat domme muziekje.

De Vader was namelijk zelf ingehuurd om zijn deun te komen zingen. Hij had een paar Smurfinnetjes meegenomen die niet dansen konden, en zelf was het hem blijkbaar ook te veel moeite geweest even te repeteren, want hij zette verkeerd in. Dat was knullig.

En tot overmaat van ramp kwam Abraham toen ook nog bijna in zijn eentje oplopen, omdat het lang duurde voor die gemutste helpers aan zijn schouder verschenen.

Dit moest wel mis gaan.

Maar goed, boksen blijft boksen. Die ander kon er niet zo veel van. Dus won Abraham toch.

Scrabble

stâld yn kultuur

Lynn Barber visits the World Championships in Scrabble, and finds out some amazing facts:

I manage to crash the players’ lunch, but it only confirms what Mark and others have told me - that many of them don’t speak English. This is particularly true of the large Thai contingent - Thailand teaches Scrabble as part of the school curriculum and holds huge national championships in shopping malls and football stadia throughout the country, but the result seems to be brilliant Scrabble players who know all 160,000 words in SOWPODS but can’t string a sentence together.

MP3 of Week 50

stâld yn mp3/muzyk fan ’e wike

Sylvain Chauveau, Down to the Bone [right click on "Hi"]

An acoustic tribute to Depeche Mode.

There are some other interesting songs available on that site as well.

Hupzelen

stâld yn memoires

Sinds jaar en dag draag ik bretels. Niet om een ‘fashion statement’ te maken, of de hippe yup uit te hangen, maar gewoon om mijn broek op te houden. Een leren riem kan niet alleen als een martelwerktuig gebruikt worden, die is dat ook al.

Daarom draag ik bretels van het oerdegelijke merk “Politie en Brandweer”. Helaas zijn die tegenwoordig nog maar moeilijk te krijgen. De kopers sterven uit, misschien.

Tuurlijk, er zijn bretels genoeg te koop overal. Maar die zijn me meestal te opvallend, en werken bovendien met van die onhandige klemmetjes, die altijd op het verkeerde moment losschieten. Of lam raken op den duur. Zulke moet ik niet. Mijn bretels maak ik vast met knoopjes aan de binnenkant van mijn broek. Zes knoopjes zijn dat. En een nieuwe broek is pas draagbaar als ik die zes knoopjes heb aangezet.

Net zo houdt een broek op een kledingsstuk te zijn op het moment dat ik de knoopjes weer lostorn om ze te recyclen. Zoals ik vandaag meermaals deed, in een kleine bui van opruimwoede.

** verdomd, ze zijn gewoon online te koop, die bretels. Bij een feestartikelenwinkel. Bretels dragen is blijkbaar alleen nog iets voor zotten en andere carnavalsfiguren.

Some strange sources of media criticism

stâld yn media

Ik liep dus ik ben

stâld yn skiednis/history

De theorie is al heel oud. Lees éen van de vele lyrische boeken die er over hardlopen geschreven zijn, en het idee duikt daar tien tegen éen in op. De mens zou gemaakt zijn om hard te lopen. Erfenisje uit de tijd dat die nog op de savannes leefde, en op zijn gemakje achter prooidieren aanjoeg. Uithoudingsvermogen, dat hebben we. Uren op een heel matig tempo voortgaan, daar zijn we goed in. Sprinten lukt ons als soort niet; bijna alle landdieren zijn sneller.

Tegenwoordig zijn er dan ook archeologische bewijzen voor die theorie. Plus de uitleg waarom we gebouwd zijn zoals we gebouwd zijn. Met dat platte gezicht, dat zweten, en meer nog van die dingen.

Zo zouden we zonder dat hardlopen nooit billen hebben gehad. Kijk maar naar het gebrek aan kont bij de andere primaten. Want, bilspieren zorgen voor een noodzakelijk evenwicht, bij het hardlopen.

Maar, zo bedenk ik me. Er is ook een biologische theorie die stelt dat vrouwen tegenwoordig borsten hebben als substituut voor de rondingen van die billen. Toen het favoriete standje van de mens veranderde, miste die mensman blijkbaar de prikkel van dat ronde in zijn gezichtveld. Dus is die man zijn partner gaan selecteren op rondborstigheid.

Fijn toch, dat de evolutieleer alles mee helpt verklaren. Survival of the tittest.

Dus. Terugredenerend, hebben wij mensen de vrouwenborst dus te danken aan ons verleden als hardlopers, en ook weer niet. Want, hardlopen is niet fijn voor iemand met borsten. De sportbeha werd pas onlangs uitgevonden.

Hoeveel duizenden jaren zitten er eigenlijk tussen de Venus van Willendorf en die joggende Homo Erectus?

Montgomery

stâld yn doping

Former world 100 metres record holder Tim Montgomery has been banned for doping offences. He isn’t allowed to compete for two years.

Previously on this weblog: The building of a champion, on Montgomery’s doping diet.

since feeling is first

stâld yn quotable

since feeling is first
who pays any attention
to the syntax of things
will never wholly kiss you;

wholly to be a fool
while Spring is in the world

my blood approves,
and kisses are a better fate
than wisdom
lady i swear by all flowers. Don’t cry
- the best gesture of my brain is less than
your eyelids’ flutter which says

we are for each other; then
laugh, leaning back in my arms
for life’s not a paragraph

And death i think is no parenthesis

ee cummings

Hupzelen ii

stâld yn alg.

Een fijn artikel online van taalkundige Jan Stroop over waar woorden als bretels, galgen, of hupzelen nu wegkomen.

Met een helemaal prachtig kaartje, waarop het antwoord is ingetekend op de vraag:

Hoe noemt men in het algemeen in uw dialect de elastische, over de schouders gedragen banden waarmee een broek opgehouden wordt?

you are going to be lonesome as hell

stâld yn alg.

if you make use of the vast fund of knowledge now available to educated persons, you are going to be lonesome as hell. The guessers outnumber you–and now I have to guess–about ten to one.

Kurt Vonnegut

Hupzelen iii

stâld yn alg.

En dankzij de wonderen van de elektronische handel bezit ik nu weer verse galgen, zonder daarvoor uit mijn stoel te zijn gekomen.

Jammer alleen van de verpakking dan. Koop ik stoere bretels van het topmerk “Politie en Brandweer”, komen die in een zakje dat de bittere ernst van de comfortabele broekendracht nogal ontkent. Niet geschikt voor kinderen onder 36 maanden, staat er dan ook nog op.

Maar goed, die verpakking is nu afval.

Engelbart

stâld yn [web] tech, kultuur

click on button or picture to start [2.04 minute]

As early as 9 December 1968 a man named Douglas Engelbart was the first to publicly demonstrate how to use a mouse to work with a computer. And he showed that particular audience the hyperlink. And many many other innovations we all take for granted now, but which would sometimes take more than 25 years to gain a mass audience.

A lot more clips from that demonstration are available online as well. Unfortunately, they’re in RealMedia. Still, I like to look at them, from time to time. To see history in the making.

However, the main reason for showing you this particular clip is that Douglas Engelbart has been interviewed by Robert Cringely, for NerdTV. [Or dowload that video here]

Turns out, Engelbart got many of his original ideas already in 1951.

Roth

stâld yn boeken/books

I would be wonderful with a 100-year moratorium on literature talk, if you shut down all literature departments, close the book reviews, ban the critics. The readers should be alone with the books, and if anyone dared to say anything about them, they would be shot or imprisoned right on the spot. Yes, shot. A 100-year moratorium on insufferable literary talk. You should let people fight with the books on their own and rediscover what they are and what they are not. Anything other than this talk. Fairytale talk. As soon as you generalise, you are in a completely different universe than that of literature, and there’s no bridge between the two.

Philip Roth, interviewed, though he didn’t
want to answer the usual questions

Wat zeg je dan?

stâld yn memoires

Vroeger, als iemand in een winkel me een stukje worst of zoiets aanbood, vroeg mijn moeder altijd: wat zeg je dan? Waarop ik dan natuurlijk de gulle gever braaf bedankte. Mits ik mijn mond niet al had volgepropt, want praten met volle mond is onbeleefd.

Tegenwoordig sla ik in winkels gemakshalve altijd alles af wat er gedemonstreerd wordt. Behalve als mijn buurvrouw dat toevallig doet, maar dan spelen er andere belangen mee.

Gisteren voelde ik me raar overvallen door wat de Hema me zonder het te vertellen meegegeven had. Ik kocht er iets wat helemaal niet met eten te maken had, maar eenmaal thuis greep ik bij het tas uitpakken allereerst in iets onbestemds weeks, dat tot mijn verbazing twee bruine boterhammen in een plasticen zakje bleek te zijn.

Wat zeg je dan?

Blij dat het geen halflauw stuk rookworst was. Dat dan wel weer, ja.

LibriVox

stâld yn boeken/books

Free audiobooks from the public domain. In English.

MP3 of week 51

stâld yn mp3/muzyk fan ’e wike

John Lewis Grant, J.S. Bach. Das Wohltemperierte Clavier, Buch 1

Read about the pianist’s ideas and preparation here.

Groot Dictee der Nederlandsche Taal

stâld yn media

Goed, de PCM-kranten, zoals de Volkskrant, wat opiniebladen, de NOS, en Planet Internet gaan de spellingswijziging boycotten. Maar een veel belangrijker kwestie blijft daarmee onaangeroerd, merkwaardig genoeg.

De Volkskrant organiseert wel jaarlijks het Groot Dictee, tezamen met de NOS. Wordt dit daarmee voortaan een propagandamiddel in de taalstrijd? Komt er een nieuwe afscheiding met België, om dagblad De Standaard de laatste jaren wel meehielp het dictee te organiseren?

De Vlaamse deelnemers scoorden meestal ook beter trouwens, zijn ze daar vanaf.

Enfin, zodra journalisten over hun eigen krant moeten schrijven, zijn ze met debiliteit geslagen. Weer eens zien ze het grote nieuws achter het kleine nieuws niet.

ha, die fijne kerstsfeer weer

stâld yn alg.

Dat ding leunt nu tegen de muur, links van het keukenraam. Eerder stond deze ruim tweeënhalf meter hoge en o zo fijn verlichte kerstschrik veel meer naar rechts, naast de voordeur daar. Maar het waaide nogal, vrijdag en zaterdag. Dus vermoed ik dat er een rampje is gebeurd bij de overburen, zonder dat ik het zag.

In elk geval doen de ingebouwde lampjes het nog.

Voordeel van dat achteroverleunen tegen de muur is wel dat die opgestoken rechterhand nu niet meer de Hiltergroet lijkt te brengen. Wat eerst echt zo scheen, vanuit mijn huis bezien.