click image to play. 1.18 minutes

En toen verscheen Jan Ullrich ’s avonds laat nog in de talkshow Beckmann. Voor een interview van een uur, waarin hij alle vragen beantwoorden moest die hij ’s ochtends ontweken had, tijdens de aankondiging dat hij stopte.

Het was geen prettig gesprek. Wel bood het fascinerende televisie, op een zieke manier.

Zelden een eenzijdiger geval gezien van ‘trial by media’. Het publiek moest duidelijk gemaakt worden dat er in de Spaanse bloeddopingaffaire vorig jaar wel degelijk sterke aanwijzingen tegen Ullrich waren gerezen. Ook al was hij nergens officieel van beschuldigd. Ook al is hij door niemand geschorst.

Dat hetzerige was niet prettig. Zeker niet komend van journalisten. De media waren het ook die Ullrich overdreven groot wilden hebben, elk jaar weer bij de start van de Tour. Het vaderland heeft altijd helden nodig, en wat mooier dan om die te helpen creëren. En toch, de Duitse beroepswielersport stelde tot de Tour-winst van Ullrich in 1997 nauwelijks iets voor. Tegenwoordig doen er aan de meeste profkoersen twee tot drie keer meer Duitsers mee dan Nederlanders, of Belgen. De man is tot heel wat verandering aanleiding geweest.

En bovenal was dat permanent beschuldigende vingertje vervelend. Ongenuanceerd ook. Helaas had Ullrich maar een paar keer de geest om tegenwicht te bieden.

De wielerwereld is niet corrupter dan andere sporten, en misschien wel minder dan andere maatschappelijke sectoren. Zoals de media. Zoals managers, zo stelt hij in het bovenstaande fragment. En de interviewer begrijpt dan niet eens waar Ullrich naar toe wil, met deze nuancering in het gesprek.