Ynhâld fan ’e Boeklog – meta-side

  1. boeklog v: toekomstplannen03/2005
  2. boeklog vi: huishoudelijke mededeling03/2005
  3. boeklog vii: de eerste kwartaalcijfers03/2005
  4. boeklog viii: de behoefte aan recensies05/2005
  5. boeklog ix: huishoudelijke mededelingen05/2005
  6. boeklog x: vooroordelen05/2005
  7. boeklog xii: de halfjaarcijfers07/2005
  8. Boeklog: terugkijkend op een gedocumenteerd jaar lezen12/2005
  9. Boeklog xviii: bij zo ongeveer de 300ste boekbespreking02/2006
  10. Boeklog xix08/2006
  11. Boeklog xx08/2006
  12. Boeklog xxi08/2006
  13. Boeklog xxii: Mijn leesgewoonten08/2006
  14. Bij de vijfhonderste bespreking op boeklog10/2006
  15. Fictie is…03/2007
  16. Bij het 800ste boeklogje09/2007
  17. Bij het 800ste boeklogje | cijfers09/2007
  18. Bij het 800ste boeklogje | wat ik leer09/2007
  19. Bij het 800ste boeklogje | uiterlijkheden10/2007
  20. Boeklog, en de wens tot opinies01/2008
  21. boeklog en openheid en cijfertjes03/2008
  22. Overwegingen | 5504/2008
  23. Bij het duizendste boeklogje05/2008
  24. Boeklog, tussen maker en publiek07/2008
  25. Full house01/2009
  26. boeklog x: vooroordelen revisited08/2009
  27. What’s in a name…09/2009
  28. Wat wil de Google? | 092509/2009
  29. Boeklog: vooraf aan het eerste lustrum11/2009
  30. boeklog: bij het komende lustrum12/2009
  31. Boeklog, en het eeuwige compromis12/2009
  32. Boeklog in 201001/2010
  33. Duel03/2010
  34. Begeerte had me aangeraakt03/2010
  35. 365 dagen, 365 boeken | 312/2010
  36. 2010, een jaar in boeken  hoogtepunten en crises van de zesde jaargang boeklog12/2010
  37. 2011, het komende jaar in boeken  Overwegingen vooraf aan de zevende jaargang van boeklog12/2010
  38. Wat vind ik nu een mooi boek? | 15  dossiervorming01/2011
  39. Boeklog, de blauwe periode01/2011
  40. Boeklog.nl03/2011
  41. Bij het 2000ste boeklogje04/2011
  42. Waarom nog immer voortborduren, als het patroon inmiddels wel duidelijk is?06/2011
  43. Serieel lezen07/2011
  44. 349 dagen, 365 boeken | 412/2011
  45. 2011, in boeken  de 7e jaargang van boeklog in het kort12/2011
  46. En eamelje.net dan?  over de toekomst van mijn beider weblogs01/2012
  47. Benieuwd hoe lang dit blijft01/2012
  48. Meteen al afkickverschijnselen  boeklog in 201201/2012
  49. Leugens, bedrog, statistieken02/2012
  50. Halfbakken sabbatical03/2012
  51. 2012: een vrijwillige lobotomie  terugblikkend op de 8ste jaargang van boeklog12/2012
  52. 2012: in boeken  de 8ste jaargang van boeklog in het kort12/2012
  53. 2013: bij het 2500ste boeklogje  cijfers, plannen, ideeën04/2013
  54. 2014: nog éen keer op dienstregeling  bij de tiende jaargang van boeklog01/2014

© eamelje.net 2001-2017. Alle rechten voorbehouden. All rights reserved

 

boeklog v: toekomstplannen

Hoewel het bijhouden van mijn boeklog nog absoluut geen last is, heb ik me toch afgevraagd hoe lang ik het experiment moet volhouden. Een jaar? Tot ik vijfhonderd boeken heb gelezen? Duizend? Of misschien als ik een favoriet boek voor de derde keer zou moeten bespreken?

Maar misschien zijn deze overwegingen allemaal onzin, en breekt het moment om te stoppen van zelf aan als ik het log als last ga ervaren.

Voorlopig zijn er plannen genoeg.

Alhoewel. In zekere zin is het vervelend dat ik al zo veel las en ook nog enig onderwijs genoten heb. Veel canonieke teksten zijn mijn ogen al eens gepasseerd. Terwijl er uit oogpunt van klantenbinding wel iets voor te zeggen zou zijn om een paar grote boeken te lezen, en daar uitgebreid mijn mening over te geven.

Raar hoe een persoonlijk leesdagboek ineens toch al van betekenis kan veranderen nu het een heel aardig aantal bezoekers per dag blijkt te trekken. Even afgezien van de invasie der Belgen komen er per dag minstens zestig mensen langs, net veertien dagen na de publieke opening.

Maar goed, wat weet ik zeker te gaan lezen de komende tijd:

  • er komt een serietje over Geert Mak, zo verwacht ik, omdat me intrigeert dat hij de dingen doet die Nederlandse vakhistorici nalaten maar hadden moeten doen. Terwijl er dan toch ook iets in zijn aanpak lijkt te ontbreken dat nu nog onbenoembaar is;
  • ik zal vele favorieten herlezen, zoals de vroege kortverhalen van John Updike, de verhalen van Alice Munro, en het brievenboek van Jeroen Brouwers;
  • Ferdydurke
  • ik wil weer eens wat filosofie lezen, maar zal me daarbij zeker beperken tot schrijvers die me niet meteen met mijn hoofd tegen de muur laten bonken. Mumford, Rorty, Achterhuis, Illich, Lolle Nauta. Schopenhauer misschien. Of Nietzsche in het Fries. Ankersmit;
  • ik wil ook eens wat tijdschriften gaan recenseren, of Elsevier’s Belastinggids. De Allerhande. Het lokale huis-aan-huisblad. Ter afwisseling, als het nodig is om even iets leuks te doen

Verzoekjes mogen overigens worden ingediend, maar zekerheid dat ik zo’n boek dan ook lees is waarschijnlijk niet te geven.


boeklog vi: huishoudelijke mededeling

Mijn boeklog is thans ook te bereiken via het adres boeklog.info. Dat legt even wat makkelijker uit, als ik anderen over mijn leesexperiment vertel. Een bijbehorend e-mailadres komt er waarschijnlijk niet.

Overigens wil ik me bij de vaste bezoekers verontschuldigen op het moment vooral gebundelde columns te lezen, en dus ook daarover te schrijven. Ik heb op het moment de concentratiespanne niet om langer dan een kwartier met éen schrijver door te willen brengen. Romans vervelen me al helemaal.


boeklog vii: de eerste kwartaalcijfers

Na voor het eerst drie maanden lang gelogd te hebben wat ik aan boeken lees, wordt het tijd voor een eerste balans.

De meest opmerkelijk ontdekking van de afgelopen maanden was nog wel dat het schrijven van korte persoonlijk getinte recensietjes me geen enkele moeite kostte. Sterker nog, omdat de structuur van mijn boeklog zo duidelijk is, lijkt het bijhouden van eamelje.net juist zwaarder te zijn geworden. Op dit weblog heb ik niet bij ieder bericht automatisch een plaatje. En al evenmin hoef ik hier in iedere post iets van een mening te formuleren; wat een vrijheid oplevert die soms wat verlamt.

Inhoudelijk is me duidelijk geworden dat ik in drukke tijden duidelijk ter ontspanning lees; dat laatste uurtje of anderhalf voor het slapen gaan. Er zijn daarom nauwelijks zware boeken besproken; veelal ging mijn voorkeur uit naar vlotgeschreven bundeltjes die desnoods na een paar pagina’s weer weg waren te leggen.

Ook van de zakelijke publicaties die ik voor mijn werk las, is er maar éen op het boeklog besproken. Het leek me voor de toegankelijkheid beter om het professionele lezen te scheiden van wat ik ter ontspanning doe.

Beide afwegingen leveren wel als resultaat op dat ik nog nauwelijks filosofie besproken heb, vrijwel helemaal geen geschiedenis, maar dat ook opvalt hoe weinig stripboeken ik las, of literaire verhalen.

Er kwam me dit jaar ook nog maar éen roman onder ogen die me positief verraste. Dit genre boeken zou me anders wel het meest moeten brengen, gezien de status van de roman in de literatuur. Toch merk ik de laatste jaren mij er vanaf te keren.

Een helemaal gelukt boek is trouwens ook zeldzaam. Geslaagde verhalen, essays of beschouwingen komen vaker voor.


boeklog viii: de behoefte aan recensies

Het stelt allemaal niet zo heel veel voor waarschijnlijk, maar toch moet ik even melden dat me deze week voor het eerst persberichten over nieuw te verschijnen boeken toegestuurd zijn via mijn boeklog. Zonder dat ik daarom gevraagd heb, laat dat voorop staan.

Kijk, ik loop inmiddels lang genoeg in de journalistiek rond om te weten hoe simpel het is om ergens op een mailinglist terecht te komen, en voortaan persberichten toegestuurd te krijgen. Met enige moeite zijn ook vast uitgeverijen wel bereid dat te doen, en zelfs recensie-exemplaren op te sturen. Alleen, als daar dan nooit een echte bespreking tegenover staat, droogt zo’n bron meteen ook weer op.

Dat weblogs ineens als een serieus medium beschouwd worden om boeken aan de man te brengen, heeft ook waarschijnlijk niets met mij of mijn manier van recenseren te maken. Maar toch…


boeklog ix: huishoudelijke mededelingen

Vanaf nu is mijn boeklog geheel ondergebracht op het domein boeklog.info. Het huidige adres minsken.eamelje.net blijft als mirror dienen, zodat eventuele links of bookmarks desnoods onveranderd kunnen blijven.

Verder heb ik een FAQ geschreven, omdat het log onverwacht veel correspondentie oplevert, maar daarin steeds dezelfde vragen terugkomen.

Daarom is nu voor eenieder zelf op te zoeken waarom ik geen cijfers uitdeel, of de titels niet automatisch link met internet-boekhandels.

* en op een verzoek van vandaag heb ik toch ook maar een rubriek ‘aanbevolen’ ingevoerd


boeklog x: vooroordelen

H.L. Mencken noemde kritiek het aannemelijk maken van een vooroordeel

Hoewel ik mijn boeklog begin dit jaar ook begonnen ben om me mijn vooroordelen bewust te worden, zijn enkele blinde vlekken me toch wel degelijk bekend.

  1. ik houd meer van het kleine dan het grote; van verhalen dan romans, van essays dan monografieën; houd meer van boeken met maar een paar personages dan de grote allesomvattende roman. Ik prefereer kamermuziek boven symfonieën;
  2. ik houd meer van boeken die uitgaan van de realiteit dan boeken waarvan de schrijver graag tot een bepaalde intellectuele of culturele traditie wil horen. Het laatste genre is overigens opvallend dominant aanwezig;
  3. ik houd meer non-fictie dan fictie, maar dat komt vast omdat de kans een geslaagde zakelijke tekst onder ogen te kijgen gewoon groter is. Geslaagde fictie zal me daarentegen aanmerkelijk dieper raken;
  4. heb weinig geduld met fantasie, magisch-realisme of andere bedachte vormen. Behalve dan oude sprookjes en volksverhalen;
  5. ik houd meer van poëzie dan proza. Maar de kans poëzie tegen te komen die ik geslaagd vind, is opvallend laag;
  6. comedie staat boven drama;
  7. maar ik vind humoristisch bedoeld proza hoogstzelden leuk, en snel irritant;
  8. prefereer eenvoud en helderheid verre boven complexiteit, helemaal als helder wordt uitgelegd hoe complex alles is;

Wordt ongetwijfeld vervolgd.


boeklog xii: de halfjaarcijfers

Een half jaar geleden vatte ik het idee op om nu eens bij te houden wat ik zoal aan boeken las. Lezen ontspant me, ook al omdat een groot deel van mijn lezen uit herlezen bestaat.

Herlezen is ook leuker dan lezen omdat daarbij zo weinig ergernis optreedt. Ik weet namelijk al dat het boek me iets te bieden heeft, en er waarschijnlijk nog wel meer in is te ontdekken ook. Nieuwe boeken leveren veel heftiger emoties op, waarbij de meest voorkomende voor mij helaas nogal vaak weerzin is, verwend kreng als ik d’r ben.

Twee maanden na de start van mijn boeklog mocht de wereld meekijken wat ik over mijn lezen schreef. De ervaringen daarmee zijn over het geheel genomen wonderbaarlijk positief. Het boeklog trekt duidelijk een publiek dat dit log links laat liggen. Het liet soms enorme pieken in de bezoekersaantallen zien, als er ergens een prijsvraag was over een boek, of als ergens schoolklassen scripties moesten schrijven. Bovendien is de interactie met mijn lezers anders, door het ontbreken van de mogelijkheid tot direct commentaar.

Mijn meninkjes over boeken hebben al aardig wat scheldpost opgeleverd. Maar toch ook meer complimenten dan er ooit voor eamelje.net waren weggelegd.

Ik wil dus zeker met mijn boeklog doorgaan. Alleen twijfel ik hoe.

Hoewel het boeklog op zich al een selectie bood van wat ik in handen kreeg – wat te slecht was kreeg geen aandacht – heb ik inmiddels toch te veel recensietjes geschreven waar verder niets achter zat. De plicht om over letterlijk alles te schrijven wat ik lees, is te zwaar. Niet alles is die moeite waard.

Dus is er even een pauze om na te kunnen denken over een nieuwe vorm. Enerzijds moet ik niet alleen aandacht besteden aan boeken die ik goed vind. Anderzijds moet het wat vanzelf blijven gaan, en mag het geen werk worden.

Deze week stond in The Guardian een artikel waarin Harry Mulisch en Cees Nooteboom genoemd werden als onbekende schrijvers waar het Britse publiek zich nu toch echt eens in verdiepen moest.

Ik kan geen van beide lezen.

Mulish acht ik als schrijver een handig vakman, maar veel van diens ideeën zijn zo ridicuul dat het enorm probleem wordt dat de waarde van zijn boeken vooral in de ideeën zit. Nooteboom laat dolgraag zien in een traditie te willen staan, en ik lees liever geen schrijvers die zich zo pontificaal op de geschiedenis van hun métier baseren. Want, ik reageer veel beter op boeken die direct over het leven lijken te gaan.

Dus ontbreekt het me niet aan opvattingen over wat ik vind dat goed schrijven is.

Misschien is daar iets meer mee te doen.


Boeklog: terugkijkend op een gedocumenteerd jaar lezen

Heb ik in 2005 werkelijk zo veel boeken gelezen als er besproken zijn op mijn boeklog?

Nee, het waren er meer. Nogal wat meer. Maar dat komt mede door een probleem dat ik over mijzelf heb afgeroepen.

Misschien ware het beter geweest om me te beperken tot de romans die ik las, of juist niet de romans maar alleen de zakelijke teksten. Alleen was het juist zo leuk de ene keer over een dichtbundel te schrijven, en de volgende dag over een stripalbum, of een woordenboek, of de krant van zaterdag.

Daarnaast las ik voor mijn werk tal van rapporten die vaak een ISB-nummer hadden. Technisch beschouwd zijn dat ook boeken. Maar ik las ze meestal niet voor mijn plezier, en daarom telden ze niet mee.

Verder ben ik in heel wat meer boeken begonnen dan ik heb uitgelezen. Nogal veel romans vielen me zo tegen dat ik ze al snel weglegde, om nodeloos lijden te voorkomen. Die boeken zijn ook gewoon niet besproken; als het lezen een straf is, kan het schrijven van het recensietje te makkelijk een wraakactie worden.

Want, terugkijkend op een gedocumenteerd jaar aan lezen, valt me vooral op hoe weinig vreugde ik beleefde aan het lezen van nieuwe romans. Als fictieschrijvers me al eens blij maakten, boeiden, of wisten te verrassen, dan was het door hun kortverhalen. Of omdat ik de romans al kende.

Ik blijk een veel grotere herlezer te zijn dan ik vooraf het bijhouden van het boeklog nog vermoedde. Misschien zelfs wel zo dat ik nu stellen moet dat herlezen het ware lezen is.

En ook beleefde ik in 2005 opvallend veel vreugde aan iets heel triviaals: het inscannen van de boekenvoorkanten, om een toepasselijke illustratie bij mijn persoonlijke besprekinkje te hebben. Vooral de beide scans van Kousbroek’s boeken vond ik geslaagd. Omdat ze behalve een idee van vormgeving en uiterlijk tegelijk ook iets van hun geschiedenis toonden; lieten zien dat ze gelezen zijn.

Boeklog.info gaat daarom voorlopig op dezelfde voet door als de laatste maanden gebruikelijk was. Met een paar boekbesprekingen per week. Waarbij ik zo af en toe best een pas verschenen boek bespreken wil, maar meestal liever niet.


Boeklog xviii: bij zo ongeveer de 300ste boekbespreking

Grote voordeel van mijn boeklog boven dit weblog is dat het gericht over éen ding gaat. Ik heb weer eens een boek gelezen, en geef daar mijn impressies over weer. Zolang ik maar regelmatig blijf lezen, is daar nooit gebrek aan stof om over te schrijven.

Op eamelje.net is dat moeilijker. Hier zijn er maar weinig automatismen. Misschien wel te weinig.

Probleem met het boeklog is dan weer dat er meer met die website mogelijk is dan ik eigenlijk kan. Zo’n verzameling thumbnails van ingescande voorkantjes levert een heel aantrekkelijk beeld op, en zou een manier kunnen zijn om mijn archieven online beter te ontsluiten. Bijvoorbeeld. Omdat het bij mijn boeklog toch al zelden om de actualiteit gaat, maar meer om wat ik allemaal gelezen heb.

Maar zo’n interface maken, vergt meer kennis van PHP dan ik bezit, en veel meer tijd ook dan waarover ik vrijelijk beschikken kan.

De nerd in mij vindt dat erg.


Boeklog xix

Mijn boeklog ziet er vanaf nu wat anders uit. Maar nog grotere veranderingen zijn onder de motorkap aangebracht, al werkt nog niet alles naar mijn zin.

Zo is er nu eindelijk, op verzoek, ook een alfabetische titelindex. Wat mij nog niet zint, is dat die er meestal meer dan tien tellen over doet om überhaupt te reageren.

En, door de structuur van de database achter de website lukt het me nog steeds niet goed een alfabetische index met schrijversnamen te genereren. Enfin.


Boeklog xx

Door een tip van Ronald over tag-software is het me eindelijk gelukt een alfabetische lijst met de auteurs op mijn boeklog aan te maken.

Daardoor weet ik nu 283 schrijvers behandeld te hebben. Gerrit Komrij [16] het vaakst, gevolgd door Ethel Portnoy [9] en Rudy Kousbroek [9].

Omdat ik software van Engelstaligen gebruik, is er nu wel weer de ergernis dat die klinkers met accenten behandelt als vreemde tekens. Britta Böhler komt in de lijst na F.J.J. Buytendijk. Maar goed, perfect wordt het toch nooit. En ergernis alleen helpt niet.

En waar ik ook de pest over in heb, is dat ik altijd al velden aan de berichten toevoegde met de voornaam en achternaam van de schrijver. Dat is nu te zien in de titels van de berichten op archief– en categorie-pagina’s. Maar om éen of andere reden wilde die data buiten dat soort pagina’s niet netjes met me meespelen. Dus was gisteravond nogal wat dom typwerk van mij gevraagd.

Enfin. Dit moet het de komende 20 maanden dan maar weer doen, lijkt me.


Boeklog xxi

Kon ik het toch niet laten…

Een prachtige op beginletter sorterende index van boektitels had ik. Maar minder prachtig was dat het gemiddeld ruim dertig seconden duurde voor dat ding wat informatie terug gaf.

Is dat ook maar een volledige titellijst geworden. Kostte niet zo veel moeite dat proces te automatiseren, gezien alle handelingen die al waren verricht. En nu kreeg ik ook de mogelijkheid om aan te geven welke dichter bij wat voor Verzameld werk hoorde.


Boeklog xxii: Mijn leesgewoonten

[bijdrage op verzoek, ook om de faq van mijn boeklog aan te vullen]

Leest u boek voor boek, of bent u in meerdere boeken tegelijk bezig?

Als ik een boek lees dat het best in éen keer uitgelezen kan worden, gaat al mijn belangstelling naar dat ene boek. Maar doorgaans heb ik meerdere boeken onder handen. Juist omdat er nogal wat zijn die met mate genuttigd moeten worden. Hoofdstuk voor hoofdstuk, verhaal voor verhaal. Pagina voor pagina.

Op het moment lees ik er vijf [zie foto]. Daarvan heb ik One Man’s Meat al bijna helemaal gelezen, maar is me nog niet duidelijk of ik H.C. Andersen’s dagboeken en Hunter S. Thompson’s brievenboek ooit zal uitkrijgen.

Andere momenten zijn er tien, soms is het er geen.

Hoeveel uren besteedt u per dag aan lezen?

Een uur, anderhalf uur gemiddeld. Misschien meer, over de hele week gerekend. Aan boekenlezen dan, hè. Krantenlezen, teletekst en internet gaat de hele dag door.

En nogmaals, de gemiddelde Nederlander kijkt iets van 181 minuten TV per dag. Dat lukt mij lang niet.

Waar leest u?

Op de bank, en soms op bed nog even een halfuurtje.

Maar het best lees ik in de trein gek genoeg. Waarschijnlijk omdat dan mijn hele concentratie op dat boek gefocust is. Dan ben ik ook in een omgeving die ik liever buitensluit. Misschien zal dat het zijn.

Eén afspraak in de Randstad staat vaak gelijk aan twee boeken gelezen. Eentje op de heenreis, en eentje weer terug.

Vindt u niet dat u bovenmatig veel leest?

Nee. Dat ik er een weblog aan wijd, dat is wel soms bovenmatig veel inspanning. Maar ik vind het tot nu toe nuttig om te zien wat me zoal onder ogen kwam.


Bij de vijfhonderste bespreking op boeklog

Die eigenlijk woensdag al was, maar á la. De nummering van het aantal postjes loopt niet helemaal parallel met het tal besproken boeken, dus viel het me niet op. Zo is er weleens een boek twee keer in de database gezet, waarbij de telling toch een nummer versprong nadat de dubbele recensie was verwijderd. Ook tellen de daar geplaatse mededelingen over boeklog mee in de nummering, en de pagina’s als de lijst met auteurs.

Maar enfin, van die 501 boeken rangschik ik er 147 onder Nederlandstalige fictie. Dat is de grootste categorie.

Sinds 1 januari 2005 las ik bovendien 79 Engelstalige boeken.

Verrassender waren de hoge aantallen geschiedenisboeken [50], en poëziebundels [49].

60 boeken gingen over politiek, en 50 waren humoristisch. Uitgesloten mag worden dat er titels zijn die in beide categorieën vallen.

Opvallend laag scoort het aantal Franstalige boeken dat ik las; dat was er éen, en die was nog tweetalig ook. Maar evenmin kon er veel Fries af. Ik las twaalf Friestalige boeken, en had daarbij nog het idee dat taalgebied te overwaarderen.

Hawar, op naar de volgende 500.


Fictie is…

Fictie is iets voor pubers en vrouwen. Als je ouder wordt, ga je echte boeken lezen: klassiekers en boeken waar je iets van opsteekt. Je wilt je schaarse tijd goed besteden.

Martin Bril, geïnterviewd

Dankzij mijn boeklog weet ik de afgelopen 26 maanden gemiddeld éen roman of verhalenbundel te hebben uitgelezen tegenover twee nonfictie-boeken.

Toch kloppen die cijfers niet helemaal. Het gemiddelde nonfictie-boek lees ik altijd wel uit. Het zijn juist altijd de romans die ik woedend wegwerp of verveeld terzijde leg. Er kwam die 26 maanden heel wat fictie langs die me uiteindelijk te weinig interesseerde, en boeklog nooit haalde. Ik haakte dan meestal binnen de eerste vijftig pagina’s af.

Nonfictie-boeken hebben het grote voordeel aan de buitenkant al duidelijk aan te geven waarover ze gaan. Dat selecteert beter. Ik zal niet gauw een boek over aquariumtechniek willen lezen, maar dat is ook makkelijk te vermijden.

Niet zo bij de romans. Daar kan ik onverwacht wel degelijk op aquariumtechniek stuiten. En dan personages tegenkomen die even boeiend converseren als de doorsnee goudvis bellen blaast, of een schrijver lezen die niet begrijpt dat er technieken bestaan die de inhoud van zijn wereld wel helder zichtbaar maken van buiten.

Toch blijf ik hoop houden in romans. Misschien wel tegen beter weten in. Omdat de beste romans niet vertellen hoe het zit, maar dat tonen. En een mens leert meer uit een zelf verworven besef, dan door iets opgelegd te krijgen.

Zakelijke teksten kunnen me bovenmatig boeien, en me heel soms in de roes brengen meer te willen weten.

Geslaagde fictie raakt meer dan alleen het verstand.

Dus nee, Martin Bril heeft ten dele zeker gelijk in het bovenstaande citaat, maar hij ontkent daarmee toch ook iets wezenlijks.


Bij het 800ste boeklogje

In een database bijhouden wat ik lees, heeft zo zijn voordelen. Anders had ik veel moeilijker de trends in mijn leesgedrag kunnen zien, of bijvoorbeeld de voorkeur kunnen ontdekken dat ik nogal van bundeltjes houd.

Delen van die database online zetten, is over het algemeen ook een positieve ervaring. Boeklog heeft me niet alleen persoonlijke, maar zelfs zakelijke contacten opgeleverd die er anders nooit geweest zouden zijn.

Er is alleen éen nadeel aan het bestaan van zo’n publiek weblog.

De dwang van het ronde getal.

Vandaag staat het 800ste boeklogje online, volgens de automatische telling tenminste. In werkelijkheid is het nummer 791, want er staan ook vakantiemeldingen op, en er verdween weleens een postje tussen mijn computer en de database, dat dan onverwacht toch bleek mee te tellen.

Nu ben ik evenmin van doel het 800ste boeklogje te vieren, als het 100ste, of de 1000ste. Ik kijk vooral verbaasd naar die productie, als iemand die voor een TV-dieet ineens geconfronteerd wordt met hoge stapels van blokjes bakvet, die dan het gewicht representeren dat niet meer meegetorst hoeft te worden.

Ik wist niet dat ik het in me heb gehad.

Boeklog bijhouden is trouwens geen enkele inspanning, maar mooi dat het soms een verschil kan maken.


Bij het 800ste boeklogje | cijfers

Op verzoek wat cijfertjeboel over de boeken die ik sinds 1 januari 2005 uitlas. Daaruit blijkt onder meer dat Nederlandstalige romans en verhalenbundels weliswaar mijn belangstelling hebben, maar dat ik meer blief dan dat.

Overigens kan een boek in meerdere categorieën zijn opgenomen.

genresaantallen
biologie41
boeken over schrijven 45
boekenweekboeken 16
books in english 188
bundels 171
cultuur 152
Deutsch [& übersetzt] 14
economie 37
en français 1
essays 71
fictie nederlandstalig 169
filosofie 49
fryske boeken 26
geschiedenis 93
humor 78
jeugd 12
kennis 54
leerboeken 27
media 45
periodieken 21
poëzie 64
politiek 98
recht 16
reference 31
reizen 32
religie 28
spannend 37
sport 16
strips/graphic novels 43
toneelstukken 2
typisch hollands 77
verhalen 58
vertaald 141
[auto]biografisch 165
[web] technologie 28
  
aanbevolen 2005 23
aanbevolen 2006 28
aanbevolen 2007 17


Bij het 800ste boeklogje | wat ik leer

Ruim twee jaar geleden, vrij kort na de start van boeklog, schreef ik hier op wat mijn vooroordelen waren bij het uitkiezen en het lezen van boeken. Dat was een soort plaatsbepaling in de tijd. Boeklog had als een geheim doel om uit te vinden of mijn leesgewoontes al gevormd zijn, of dat er nog rek in zit.

In het begin van boeklog vreesde ik bovendien voor een verschijnsel dat Hans Goedkoop beschreven heeft in Een verhaal dat het leven moet veranderen. Waaraan de Prins van Denemarken me overigens onlangs nog herinnerde door het citaat dat hij van Goedkoop online zette:

Het vervelende […] is dat je door het schrijven van kritieken op den duur de neiging krijgt juist toe te groeien naar die ene eigen smaak. Je bent steeds minder gauw te imponeren, kijkt door trucjes heen, betrapt jezelf op déjà vu’s, ontwikkelt kort en goed je kennis en gevoeligheid en vindt zodoende uit wat literatuur is waar je hart nou werkelijk naar uitgaat. Je belangstelling verdiept zich en versmalt zich daardoor ook, tot op het punt dat je misschien niet meer de juiste man bent voor het werk.

Maar die blikvernauwing kon bij mij niet meer optreden, juist omdat die er al was, zo zie ik nu. Ik had me al lang voor boeklog teleurgesteld afgewend van wat in Nederland voor literatuur doorgaat. Ook speelt mee dat boeklog geen betaald werk is; ik lees doorgaans geen boeken omdat ik die moet lezen voor een bespreking. En als een boek me niet bevalt, wordt het niet uitgelezen, en dus niet geboeklogd.

Wel is waar dat er sinds 2005 alleen maar vooroordelen zijn bijgekomen. Het telkens formuleren van een oordeel maakt inderdaad helderder wat de eigen criteria zijn om boeken mee te beoordelen. En daar blijken onwrikbare uitgangspunten bij te zijn.

Misschien zou ik die uitgangspunten ook axioma kunnen noemen.

Dat oude rijtje vooroordelen was zo gek geformuleerd nog niet. De enige aanscherping die ik nu zie, is dat me steeds duidelijker wordt hoezeer ik een kil meedenkende, of noem het maar exacte lezer ben. Elke roman en ieder kortverhaal moet logisch kloppen binnen die tekst, zelfs al is het uitgangspunt volkomen irrationeel.

Maar, wat wordt er een hoop kromdenken en wantaal vergoelijkd door daar het label literatuur op te plakken.

En ja, mijn gevoel over wat literatuur moet brengen, komt erg overeen met wat W.F. Hermans het model van de ‘klassieke roman’ noemde.

‘Een roman, waarin alles wat gebeurt en alles wat beschreven wordt, doelgericht is.’ De strenge orde van de romanwerkelijkheid staat in tegenstelling tot de wanorde van de werkelijkheid in het gewone leven.

citaat bij J. Fontijn


Bij het 800ste boeklogje | uiterlijkheden

Niet dat ik honderd procent tevreden ben over het ontwerp van boeklog. Maar het moet nog maar een jaartje mee. Mooier heb ik wel gezien, maar overzichtelijker eigenlijk niet. Merkwaardig dat de ruimte op dat scherm altijd zo vol wordt gepropt; vooral door kranten en andere oude media.

Er zijn nu wat vooral cosmetische aanpassinkjes aan boeklog doorgevoerd, zoals dat de lijsten van de categorieën alleen nog maar de titels laten zien — wel met de schrijvers daarbij natuurlijk — en niet meer de hele tekst. Het is ook onzin een stuk of vier alfabetisch geordende pagina’s te hebben over poëzie — het boeklogje over een bepaalde titel moet gewoon snel te vinden zijn.

Wel zijn de maandoverzichten compleet zichtbaar gebleven. Voor mijn eigen lol.

Misschien moet ik komend jaar maar eens de mogelijkheid tot het geven van commentaar aanbieden op boeklog. Het is niet alsof horden reagerende bezoekers mij hier tot een voortdurend modereren dwingen.


Boeklog, en de wens tot opinies

Toen ik het eerste aanbod kreeg om advertenties te plaatsen op mijn boeklog, dacht ik nog met oplichters te maken te hebben. Eamelje.net werd al vaker met die wens benaderd, waarschijnlijk omdat de domeinnaam voor internetbegrippen erg lang bestaat. Maar zo’n advertentieverkoper eist van mij dan dat ik zijn php-scripts plaats, om banners of teksten op te roepen. En dat maakt me wantrouwig. Wie op script-niveau opdrachten aan de webserver kan geven, zet zo’n server daarmee misschien wel helemaal open voor controle van buiten.

Met boeklog ligt het iets anders. Dat merkte ik toen de advertentieverkopers bleven aandringen. Of toen ik door uitgevers benaderd werd, die me vroegen recensies te plaatsen. Zelf schrijven hoefde niet eens, en de boeken lezen was dus ook al niet nodig.

Het is merkwaardig met die webcultuur. Al ruim een decennium hoor ik dat de consument de macht gaat overnemen. Internet biedt uitgebreide mogelijkheden voor kritische klanten om zich te verzamelen. Is het niet om gezamenlijk een inkoopkorting te kunnen bedingen, dan wel om oplossingen voor problemen te vinden, of om heldere opinies te vernemen van anderen.

Bedrijven spelen daar op in. Bedrijven zijn blijkbaar angstig. Bedrijven bezoeken daarom dezelfde fora. Waardoor de onpartijdige meningen — voor zover teleurgestelde mensen ooit onpartijdige meningen hebben — een tegengeluid krijgen van al dan niet daarvoor betaalde professionals.

Is het daarmee verbazingwekkend dat PR-functionarissen sommige lezersrecensies schrijven bij boekhandel Amazon? Nee, dat is zelfs voorspelbaar. Zo voorspelbaar dat er op EU-niveau al gedacht wordt om het bedrijven te verbieden om opinies over de eigen producten te plaatsen op openbare internetfora. Dat zijn namelijk ‘oneerlijke handelspraktijken.’

Voor veelbezochte opinieweblogs als Geenstijl.nl blijkt dit overigens geen probleem te zijn. Dat is al herhaaldelijk te koop gebleken.

Maar voor boeklog is het niet alleen een onzindelijke gedachte om op aanvraag PR te plaatsen. Het is ook een totaal onzinnig idee. Boeklog is een strikt persoonlijk overzicht van wat ik lees, en wat daar zo mijn gedachten bij zijn. Ik schrijf het puur voor mijzelf, en ben zo vriendelijk om anderen mee te laten lezen.

Doe ik er iets meer moeite voor.

De enige concessie die ik sinds het begin in 2005 heb gemaakt, is namelijk dat ik iets meer aan het lezerspubliek denk bij het schrijven van de logjes. Ze zijn langer geworden. Maar nog steeds staat er vooral in wat ik aan een boek overhoud, zodat me over een paar jaar duidelijk is of ik er dan nog iets aan heb.

Tuurlijk, het is vleiend dat boeklog inmiddels verreweg mijn best bezochte weblog is. Al komt 90% van het bezoek via Google binnen, en is het aantal vaste lezers dus relatief veel kleiner.

Toch blijft het merkwaardig dat de vorm en de inhoud van boeklog blijkbaar onbegrijpelijk is; dat men er niet aan wil dat ik ook zo goed mogelijk werk om een hobbyhoekje te vullen.


boeklog en openheid en cijfertjes

Al sinds eamelje.net op het CMS WordPress draait, staat bij elk postje het ID-nummer daarvan. Dat heeft twee functies. Ik weet door de nummers van twee postjes te vergelijken hoe actief ik geweblogd heb in een periode, bijvoorbeeld. En het ID-nummer weten, maakt het ook makkelijk achteraf nog structurele verbeteringen aan te brengen, bijvoorbeeld door een massale bewerking in de database.

Deze praktijk heb ik op boeklog overgenomen, waardoor dat domme getal onderaan een logje nog een extra functie kreeg. Het nummer gaat vrijwel gelijk op met het aantal gelezen boeken.

Helaas komt daar nu verandering in. Ik zal namelijk de komende periode een redelijk aantal boeken bespreken, maar die boeklogjes voorlopig niet openbaar maken. Ik ben namelijk jurylid, in een debutantenbal. En de winnaar daarvan wordt waarschijnlijk pas in december bekend gemaakt, net als het juryrapport.

Toch wil ik het logboekachtige karakter van boeklog niet loslaten. Ook al is het wat tegen mijn principes om debuten te bespreken; dat ik er toch aandacht aan besteed de komende tijd, is even niet anders. Daarom verdwijnen de ID-nummers bij de postjes op boeklog voorlopig. Om misschien in december weer terug te keren — net als ik dan ineens een groot aantal verborgen boeklogjes publiek zal maken.

Ondertussen telt het tellertje onderaan de pagina wel vrolijk door [IE6-gebruikers dienen daartoe ook echt helemaal omlaag te scrollen]


Overwegingen | 55

  1. Schoenen deugen niet, zo staat in een groot artikel in New York The Magazine;
  2. Dat dan vooral aardig is om de illustraties;
  3. De mens is gemaakt om op blote voeten te lopen;
  4. Nu heeft 80% van de Amerikanen op hun veertigste al problemen met hun voeten of enkels;
  5. Dit geloof ik allemaal best, tot het artikel op pagina vijf ineens ontspoort in een reclamepraatje voor schoenen die wel goed zouden zijn voor de voet;
  6. Want dat doet me te veel denken aan die rage, van tijdens de TV-serie Roots. Toen oerlelijke bruine schoenen met een ‘negatieve hak’ ineens in kwamen. Schoenen, die verkocht werden met als marketingargument dat ze zo goed simuleerden hoe negerslaven op blote voeten door de kleffe zachte modder liepen;
  7. Gezonder was er blijkbaar niet;
     
  8. Eamelje.net is inmiddels probleemloos verhuisd naar WordPress 2.5, maar daar merk waarschijnlijk alleen ik iets van, omdat de backoffice een stuk sneller inlaadt;
  9. Nu ja, de RSS-feeds doen eindelijk wat ze nooit wilden doen, sinds versie 0.8;
     
  10. Boeklog moet nog over, en dat zal wel met problemen gepaard gaan;
  11. Maar ik moet wel, oude versies van WordPress worden steeds eenvoudiger gehackt door pornoboeren. En voor een website die het voor 90% moet hebben van bezoek dat via een zoekmachine binnenkomt, is een porno-hack, en de daarop volgende Google-ban, fnuikend;
     
  12. Ingmar Heytze stelt dat dichters hun gedichten ook lang niet altijd begrijpen:

    Dat valt nooit zo op, omdat ze natuurlijk wel alles weten over de ontstaansgeschiedenis van hun werk – ze waren er immers bij – en een sterke intuïtie hebben dat het er het zo moet staan en niet anders […]

  13. Volgens Heytze gaat het niet om het begrip bij poëzie, maar moet het gedicht ervaren worden;
  14. Blijf ik het toch raar vinden dat de verhalen van Eduardo Galeano, of de filosofische essays van Jaap van Heerden, zo veel meer aan ervaring oproepen dan vrijwel alle gedichten;
  15. En ja, ik lees weleens poëzie. Ik hoor weleens poëzie. Ik onderga weleens poëzie;
  16. Tegelijk neem ik Ingmar Heytze te serieus als schrijver om zijn woorden zo maar te negeren;

Bij het duizendste boeklogje

Begin 2005 ben ik voor het eerst begonnen om dagelijks vast te leggen wat ik voor boeken heb uitgelezen. Dat was aanvankelijk een puur praktisch idee. Ik had dankzij mijn eamelje.net de waarde leren kennen van het opslaan van schijnbaar willekeurige informatie in een database. Zo werd me duidelijk dat ik in vier jaar tijd meermaals verrast dezelfde schrijver kan ontdekken, en dus ook weer vergeten. Door vast te leggen wat ik aan boeken las, hoopte ik bijvoorbeeld eindelijk eens te kunnen onthouden hoe sommige titels in mijn kasten waren beland. En ook, om zeker te weten of die ooit weleens waren gelezen.

Aanvankelijk was het niet de bedoeling om die gedachten publiek te maken. Boeklog was de eerste weken weinig meer dan de elektronische voortzetting van de aantekeningen die ik toch al maakte over boeken. Het voornaamste verschil was dat ineens alle boeken beschreven werden die ik las.

Van dat uitgangspunt ben ik iets terugkomen. Op boeklog wordt tegenwoordig alleen beschreven wat me gelukt is uit te lezen. Alle boeken krijgen vijftig pagina’s de kans van mij om zich te bewijzen, maar vele worden daarna weggelegd. Ik heb vervolgens niet zoveel zin om over de doorstane ellende te schrijven, dus gebeurt dat ook niet. Het schrijven van een boeklogje mag zeker niet meer tijd kosten dan het lezen van het boek; dat is een van mijn weinige principes.

Eigenlijk mag het schrijven van een boeklogje helemaal geen tijd kosten. Zeker in de eerste jaren streefde ik ernaar de logjes te schrijven zoals ik aan een vriend of vriendin over het boek zou vertellen. In grote halen, met duidelijke conclusies, snel klaar.

Maar inmiddels bent u in vrij grote getale gaan meelezen, en hebben uw e-mails me laten zien dat boeklog ook een belangrijke voorlichtende functie hebben kan. Dus doe ik tegenwoordig regelmatig iets meer moeite dan voorheen. Al worden de boeklogjes nog altijd snel, en in een geut uitgeschreven. Werk mag het nog altijd niet worden.

Een andere verschuiving sinds januari 2005 is dat ik iets meer moeite ben gaan doen om interessante boeken te vinden. Voorheen volstond het mij ’s avonds vaak genoeg om wat hoofdstukken te lezen in een oude favoriet. Maar het heeft niet veel zin om zes keer over hetzelfde boek te loggen in een paar jaar tijd. Nu probeer ik om van een geliefd auteur ook de boeken te lezen die niet meteen voorhanden zijn.

Door de betekenis die boeklog inmiddels ook heeft gekregen als naslagwerk, zal ik er nog wel even mee doorgaan. Al kan ik me ook voorstellen op een dag misschien de publieke toegang af te sluiten.

Ik merk ook dat het me vormt om telkens iets te moeten formuleren over wat ik uitlees. Bij het beoordelen een matig boek niet meer te kunnen volstaan met een drieletterige dooddoener. Zolang deze wat kritischer manier van kijken het me nog mogelijk maakt met plezier te lezen, ga ik er op deze manier mee door.

Sterker nog, nu me duidelijk is dat het me een kleine drieënhalf jaar kost om duizend titels te lezen, heb ik enorme spijt de vijfendertig jaar hiervoor niet beter te hebben gedocumenteerd.


Boeklog, tussen maker en publiek

Rather than reading a book in order to criticize it, I would rather criticize it because I have read it, thus paying attention to the subtle yet profound distinction Schopenhauer made between those who think in order to write and those who write because they have thought.

Miguel de Unamuno, vertaling Clive James

Eén van de merkwaardigste misvattingen die over boeklog bestaat, is dat ik met de website publiek zou solliciteren naar een positie ergens als recensent. En, heel opvallend, het zijn haast altijd journalisten die deze overtuiging uiten.

Maar, er bestaat een immens principieel verschil tussen het bespreken van een boek voor een diffuus groot publiek, en de mogelijkheid om ongeremd de eigen bevindingen erover op te kunnen schrijven. Een journalist, of een recensent in krant of tijdschrift, stelt zich in dienst van dat medium, en eerbiedigt daarmee de wetten van de broodheer. Dit alleen al levert beperkingen op, in vrijheid of ruimte.

Bovendien is er weinig vervelender dan om een boek te lezen dat je anders had kunnen negeren, enkel om er een recensie over te moeten schrijven.

Ik heb al werk.

Tegelijk is er een aspect aan het recenseren voor andere media dat me wel aan het denken heeft gezet. Boeklogjes komen nu in zekere zin van de lopende band. Ik schrijf ze meestal om los te komen, als warming up voor mijn andere werk. Klaar in éen geut. Als er eens eentje minder lukt, is er vaak de volgende dag al een kans op verbetering. Als er eens een reeks minder uitpakt, is er altijd het archief nog.

Misschien zou ik mijzelf moeten dwingen toch eens wat moeite te doen. Om meer zorg te leggen in wat ik schrijf. Al is het daarbij wel een kunst om dit uit eerder een zekere lust tot formuleren te doen, dan om iets anders.

Bovendien kan het interessant zijn om de lessen van de schaarse critici die ik wel vertrouw, zoals een James Wood, in praktijk te brengen. Lessen worden het best actief geleerd.

Boeklog komt nu toch geregeld over als iets wat het niet is, zo blijkt me steeds vaker. Misschien levert dit me daarmee ook meer verplichtingen op dan ik altijd heb gedacht.


Full house

Onzichtbaar voor elk ander, want de cache van WordPress slaat na mijn bezoeken andere pagina’s op dan bij uw visites, toont de voorpagina van boeklog mij momenteel drie willekeurig geselecteerde McPhee-titels naast elkaar, onder het kopje ‘aanbevolen’.

Bovendien staat er een boek van David Remnick naast, die de redacteur van McPhee is bij The New Yorker. In poker zou zoiets een full house heten. Een fruitautomaat zou rinkelend uitbetalen. En ik heb waarschijnlijk al mijn geluk voor vandaag in éen keer opgebruikt.

 


boeklog x: vooroordelen revisited

Vrij kort nadat ik mijn boeklog publiek maakte, leek het me nodig te benadrukken met welke vooroordelen ik las. Dat oorspronkelijke lijstje staat hier. Maar na 1.400 besproken boeken wordt het misschien tijd om nog eens te wegen wat ik toen schreef.

  1. ik houd meer van het kleine dan het grote; van verhalen dan romans, van essays dan monografieën; houd meer van boeken met maar een paar personages dan de grote allesomvattende roman. Ik prefereer kamermuziek boven symfonieën;

Een roman is een lang stuk tekst waar iets niet aan deugt. Aldus Randall Jarrell. En hij heeft gelijk. De afgelopen jaren hebben verhalen me meer gegeven als romans. En essays als monografieën. Er kan meer op de korte baan. En de magie is ook vol te houden.

Wel vraag ik me inmiddels af of mijn voorkeur niet ook te maken heeft met het gegeven dat er bijna niets is dat me uren boeit, of waartoe uren aan concentratie op te brengen is. Niets om in mijn eentje te doen tenminste.

  1. ik houd meer van boeken die uitgaan van de realiteit dan boeken waarvan de schrijver graag tot een bepaalde intellectuele of culturele traditie wil horen.

De vloek van het modernisme, waarvan de meesterwerken in de jaren 20 van de 20ste eeuw werden geschreven, lijkt iets te zijn uitgewoed. Het postmodernisme vertoont zo af en toe nog wat stuiptrekkingen. Academisme leeft daarentegen in de fictie nog altijd.

En ik moet toch ook een duidelijker voorbehoud maken bij ‘uitgaan van de realiteit’. Menig Nederlandse roman is voor mij niet door zijn realisme onleesbaar, maar door zijn provincialisme; de schraalheid aan thema’s, het gebrek aan algemene geldigheid.

  1. ik houd meer non-fictie dan fictie, maar dat komt vast omdat de kans een geslaagde zakelijke tekst onder ogen te kijgen gewoon groter is. Geslaagde fictie zal me daarentegen aanmerkelijk dieper raken;

Zo boeklog iets is, dan toch de permanente illustratie van het gegeven dat ik gauwer naar non-fictie grijp als naar fictie.

  1. heb weinig geduld met fantasie, magisch-realisme of andere bedachte vormen. Behalve dan oude sprookjes en volksverhalen;
  2. ik houd meer van poëzie dan proza. Maar de kans poëzie tegen te komen die ik geslaagd vind, is opvallend laag;

En ik snap nog altijd niet goed waarom dit probleem met gedichten er is.

  1. comedie staat boven drama;
  2. maar ik vind humoristisch bedoeld proza hoogstzelden leuk, en snel irritant;

Maar desondanks blijf ik proberen om nieuwe humoristen te ontdekken.

  1. prefereer eenvoud en helderheid verre boven complexiteit, helemaal als helder wordt uitgelegd hoe complex alles is;

En dit laatste vooroordeel is niet alleen de kern van mijn leesvoorkeur — slecht schrijven staat gelijk aan slordig denken — ik heb daarmee bijna een levensprogramma geformuleerd.

Hoogstens is dit programma nog aan te vullen met de notie dat ik me gauw verveel. Terwijl wat mij aangeboden wordt, in de media, of in boeken, vrijwel altijd lijkt op iets dat al bestond. Dus stoor ik mij nogal makkelijk aan de clichés, en de zichtbare gemakzucht bij de makers.

Enfin.


What’s in a name…

Merkwaardige overwegingen moet een mens soms maken… Elke pagina van mijn weblogs heeft een titel, en doorgaans doet die er niet zo toe. Behalve dan dat die titel ook is wat zoekmachines prominent tonen als een zoekopdracht naar mijn logs verwijst.

Dus was het voor boeklog wel handig als naast de titel van het besproken boek ook de auteursnaam getoond werd in de titel van de webpagina; en daarmee op Google en de concurrenten. Maar dan wel weer zo dat ik flexibel met de combinatie van auteursnaam en boektitel kan omgaan.

Zou ik die twee gegevens vast tot éen titel maken, maakte dat bijvoorbeeld een alfabetische lijst van boektitels onmogelijk; of op zijn minst onhandig om aan te maken.

Kostte het, gezien de hoeveelheid vaste codes in WordPress, nog moeite ook om de paginatitel automatisch te genereren naar mijn zin.

Ben ik er nog niet uit, welk scheidingsteken te gebruiken, tussen auteursnaam en boektitel. Wordt het, om bij het boeklogje van vandaag te blijven:

Jean-Paul Franssens. Zuiderkerkhof 1
Jean-Paul Franssens, Zuiderkerkhof 1
Jean-Paul Franssens - Zuiderkerkhof 1
Jean-Paul Franssens — Zuiderkerkhof 1
Jean-Paul Franssens • Zuiderkerkhof 1
Jean-Paul Franssens: Zuiderkerkhof 1

Enfin, ik gebruik deze aanpassing ook om te kijken hoe Google boeklog indexeert — of ook de gegevens over oudere boeklogjes worden aangepast. Blijkbaar heb ik weer straf of zo, want onder veel zoektermen die traditioneel nogal wat verkeer opleverden, is boeklog nu niet eens meer te vinden.


Wat wil de Google? | 0925

Wat ik me altijd afvraag als er dagenlang opgeruimd moet worden na een groot ongeluk: wat doen die opruimers de rest van het jaar?
Als er geen rampen zijn?

Maar misschien denk ik ten onrechte dat opruimen een specialisme is;

Doordat in de paginatitels van mijn boeklogjes nu zowel auteur als boektitel staat, is goed te volgen of én hoe Google indexeert;
Sommige toch redelijke oude logjes staan nu ook weer bovenaan bij de zoekresultaten;
Al begrijp ik een aantal zaken tegelijk weer niet;

Zo hanteer ik al een tijd ‘schone’ URL’s op mijn weblogs. Dat zou namelijk beter zijn;
‘Schoon’ betekent dat er geen rare tekens instaan, zoals vraagtekens en onbegrijpelijke cijfercodes, en dat het adres netjes eindigt op een /
In het begin van boeklog deed ik dit niet, ook al omdat de server waar de site op draaide dit niet goed ondersteunde. Toen waren de URL’s weliswaar korter, maar dus niet ‘schoon’;

Ter verduidelijking: de link naar het boeklogje over Koos van Zomeren vandaag in de ‘schone’ notitie is: http://boeklog.info/2009/09/25/wat-wil-de-koe/;
En in het geheel niet ‘Search Engine Optimized’ is dezelfde verwijzing: http://boeklog.info/?p=1842;
Merk overigens op dat de laatste manier van URL’s weergeven momenteel weer terugkomt, onder invloed van de beperkte ruimte op Twitter, chat, en SMS;

Enfin, Google gebruikt voor sommige verwijzingen naar de boeklogjes uit 2005 en 2006 nog altijd de korte notatie met ‘/?p=’. Zelfs al verbetert de server dat adres tegenwoordig automatisch, en zelfs al is aan de paginatitel in de zoekresultaten zichtbaar dat zo’n boeklogje de afgelopen dagen opnieuw werd bekeken;


Boeklog: vooraf aan het eerste lustrum

Oordeel ik op boeklog niet veel te hard, soms?

Het verwijt komt regelmatig terug, en verbaast me altijd wat. Lezen is namelijk een uiterst intieme daad. Je sluit je van de hele wereld verder af om alleen te zijn met de auteur. Je laat zijn of haar stem vervolgens toe in je hoofd. Voor uren. Dat is nogal wat. Dus vind ik het vreemd als ik vervolgens niet mijn teleurstelling over die intieme ontmoeting zou mogen uitspreken.

Boeklog gaat meestal over mijn persoonlijk reactie op een boek. Meer niet.

Bovendien schrijf ik zelden of nooit boeklogjes over boeken die me werkelijk kwaad maken. Zulke werken lees ik namelijk niet uit. Ik laat die aanranding niet toe. Als het lezen al ellendig was, kan daar nooit met enige aardigheid over geschreven worden.

Mijn lezen moet allereerst een plezier zijn. Werk is er al genoeg. En dus lees ik nogal wat boeken niet uit, net als er heel wat titels zijn die ik liever negeer. Enfin, dan lees ik uit nieuwsgierigheid wel een essay van Kluun, en dan spelen daarbij zeker vooroordelen mee. Maar dan ben ik toch niet hard over die man persoonlijk? Kluun schrijft niet bijzonder goed, heeft geen interessante ideeën, en het essay toonde aan dat hij niets weet en al evenmin kan denken.

Alleen zijn er zo veel zoals hem, die zich vervolgens toch auteur wanen. Het is vrij zinloos me daar druk om te maken, of verwijten ad hominem naar zo iemand te maken. Of hoogstens als dit in de reactie cabaret oplevert, zoals Komrij regelmatig lukt.

En ja, ik geef toe, er staan zeker een aantal harde oordelen op boeklog. Maar opvallend genoeg betreffen die vrijwel steeds boeken van schrijvers waarvan ik ander werk bewonder. Boeklog is ook een onderzoek naar de zelfcensuur die de maatschappij waarin ik leef mij oplegt. Dus heb ik inspanningen van Zwagerman of Paul Auster afgekraakt, omdat die mij oprecht teleurstelden.

[Was ik toch blij dat ook James Wood zo kritisch over Paul Auster is]


boeklog: bij het komende lustrum

Zoals de mens gereedschappen maakt, zo vormt het werktuig ook de mens. Niemand kan zich nog concentreren, sinds vrijwel alle vermaak zich op de mensen met de kortste attentiespanne richt. Niemand ook kan nog rekenen, sinds de elektronische rekenmachine betaalbaar werd [een nog nergens genoemde oorzaak van de kredietcrisis].

Zo ook heeft het bijhouden van boeklog, wat ik zo meteen vijf jaar doe, invloed op hoe ik lees.

Het gegeven dat ik geacht word iets te schrijven over een pas gelezen boek, maakt dat ik boeken nu eerder dan ooit wegleg; om er verder maar niet meer over te hoeven nadenken. De duidelijkste aanwijzing dat een boek me niet boeit, is als ik er tijdens het lezen al in gedachten een boeklogje over aan het schrijven ben. Meestal gebeurt dit uit teleurstelling over de inhoud.

Ook stop ik wel met lezen in boeken waar op dit moment in mijn leven niets mee aan te vangen is, maar dit komt al aanzienlijk minder vaak voor.

Tegelijk moeten bovenstaande observaties ook gerelativeerd worden. Boeklog heeft me kritischer gemaakt over wat ik wel wil proberen. Mijn selectie aan boeken is onwillekeurig strenger geworden. Lezen moet een lust blijven. En mijn ideeën zijn helderder geworden over welke lectuur me zal kunnen boeien. Dus haal ik minder tegenvallers in huis dan voorheen.

Boeklog dwingt me ook uit een grotere verscheidenheid aan boeken dan vroeger te kiezen. Het volstond me eerder vaak wel om ter ontspanning een oude favoriet uit de kast te pakken, en daar een hoofdstuk of wat in te lezen. Maar het is niet interessant om voor de vierde keer over hetzelfde boek te moeten schrijven.

Goed, nog steeds herlees ik elk jaar, als de Tour de France begint, De renner van Tim Krabbé — zonder daar dan een boeklogje aan te wijden. Maar dit is de enige uitzondering op de regel dat ik inmiddels meer moeite doe om ook de bijboeken en obscuurder uitgaven van een schrijver te pakken te krijgen, als ik per se iets van hem of haar lezen wil.

Dus vormt boeklog mij, zoals ik boeklog vorm. En het wordt interessant om te kijken wat er de komende vijf jaar gaat gebeuren.


Boeklog, en het eeuwige compromis

Eén van de boeken die me in 2009 het meest teleurstelde, was Proust and the Squid van Maryanne Wolf. Nu lag dit in de eerste plaats aan mij, en niet zo zeer aan de schrijfster. Ik vertrouw er namelijk nog op dat een boek over lezen ook werkelijk gaat over wat lezen is. Terwijl Wolf vooral schreef over wat er mis kan gaan tussen de letters op een pagina, en de verwerking daarvan. En voor mij verklaart zo’n verzameling afwijkingen weinig tot niets over het wonder dat lezen is.

Tegelijk had ik kunnen weten dat harde wetenschap bestaat uit een moeizaam tastend zoeken. En dat een bekende wetenschapsfilosofische vraag is of onze hersenen wel de capaciteit bezitten om het functioneren van onze hersenen ooit te begrijpen.

Bovendien speelt bij elk onderzoek naar het functioneren van het verstand mee dat ik zo mijn eigen observaties heb gedaan. Waardoor op wetenschap vaak ook de plicht rust om te verklaren wat ik al eens bedacht heb.

Zo heb ik traditioneel moeite met schakelen tussen de verschillende rollen die het leven van mij vraagt. Op dagen dat ik veel moet praten, is het me bijna niet mogelijk om ook nog met enige kwaliteit te schrijven — terwijl beide activiteiten toch een beroep lijken te doen op mijn verbale gaven. Maar blijkbaar is het zo simpel niet.

In dezer dagen, nu ik even geen boeken lees, gaat schrijven al evenmin. Ik ben voor beide veel te snel afgeleid. Ben nu bezig met het veiliger maken van mijn weblogs, en met andere technische vragen, die een heel andere concentratie eisen; en me haast tot een ander mens maken.

Ik vloek bijvoorbeeld nooit normaal, behalve als technologie of software het ineens vertikt te doen wat die logisch gezien gewoon zou moeten doen. Weinig irriteert me meer dan dat.

Net zo lees ik het best als ik het drukst ben met andere tekst; alsof dan alles in de hersenbanen optimaal op tekstverwerking staat afgesteld.

Dus luidt de conclusie tegelijk dat boeklog alleen bij te houden is, als er eigenlijk geen tijd is om boeklog bij te houden; omdat ik al zo druk ben met andere tekst. Dan kost dit de minste inspanning. Dan is de kwaliteit het hoogst, relatief gesproken vanzelfsprekend.

Daarom ook ben ik zelden tevreden over een individueel boeklogje — terwijl de verzameling me inmiddels wel begint te bevallen.


Boeklog in 2010

[geschreven op herhaald verzoek]

Dat ik geen idee heb wat ik in 2010 lezen wil, en dus aandacht zal geven op boeklog, is niet helemaal waar. Tegelijk kan het toeval maar beter blijven regeren. Lezen moet een lust zijn, geen opgave.

Maar om me tot wat grotere inspanningen te beperken:

  • ik wil iets gestructureerds met e-boeken doen;
  • een serie boeken die dit jaar in elk geval langs komt, is de geschiedschrijving van Hobsbawm in vier delen, over de perioden van 1789 tot 1989;
  • misschien moet ik van John Updike toch de Rabbit-romans nog eens lezen. Al vond ik zeker het tweede deel indertijd onoverkomelijk slecht;
  • en het initiatief Infinite Summer beviel me vorig jaar wel; zelfs al was het boek dat we tezamen lazen een te tijdsgebonden Amerikaans geval. Ik zoek dus nog óf iets gezamenlijks — al wordt dat zeker niet Hofstaedter’s Gödel, Escher, Bach — óf iets groots waar ik wekelijks verslag over moet doen om er niet in om te komen;

Nu kan ik schrijven: tips blijven welkom. Maar de praktijk is eigenwijzer.


Duel

Soms wreekt zich mijn opleiding tot journalist. Dan vind ik het ineens mijn taak worden om het publiek te informeren. Dus repte ik me de afgelopen jaren telkens op de eerste dag van de boekenweek naar de winkel, om daar het geschenk en het essay te bemachtigen. Vervolgens had ik hier op boeklog dan zelden een goed woord voor over.

Die zinloze exercitie moest ik alleen daarom al maar niet meer uitvoeren. Bovendien is er dit jaar geen essay, en komt het geschenk van Zwagerman, die nooit mijn lievelingsauteur zal worden.

Benieuwd of ik de komende tien dagen blijf volharden in dit idee. De kans is niet heel groot…

Is er ook nog die glossy. De Gerda [pdf]. Waarmee een overbodig ministerie met veel belastinggeld een bewindsvrouwe promoot, net nu de campagnes voor de Kamerverkiezingen beginnen. Ook deze actualiteit vraagt eigenlijk om aandacht die ik er niet voor over heb.

Mmm, besluiten, besluiten…


Begeerte had me aangeraakt

Begeerte is een merkwaardige emotie. Dat merk ik vooral nu ik zo veel minder verlangen heb om boeken te willen bezitten als vroeger. Het huis puilt al uit.

Voorheen moest die begeerte met maatregelen in toom worden gehouden. Door met een budget te werken bijvoorbeeld, dat strik limiteerde hoe veel er per maand aan boeken mocht werden uitgegeven.

Tegenwoordig kom ik — mede door de goedkope handel online — nooit meer in de buurt van die limiet.

Ook bouwde ik ter bescherming een tijdsfactor in. Elke boektitel die me intrigeert, en heblust aanwakkert, wordt keurig genoteerd. Alleen mag ik pas na een half jaar beslissen of de begeerte er nog steeds is. En daarna is er weer een afkoelingsperiode van een paar maanden, waarbij er toch altijd weer enkele titels afvallen.

Dit systeem werkt buitengewoon goed. Ik heb in elk geval niet het idee iets te missen. En ik weet zeker anders te veel nutteloze boeken te kopen. Al geldt wel dat dit systeem dient om mijn gedrag te sturen op internet. Slechts online is er het gevaar dat een interview met een schrijver, of een pakkende recensie, direct tot een bezoekje aan een internetboekhandel leidt — en die hebben zelden nee te koop.

De zekerheid die de boekhandel online biedt, heeft er dan weer toe geleid dat ik zelden een fysieke boekwinkel bezoek — relatief gesproken dan. Het aanbod van zulke zaken verrast me namelijk bijna nooit. En de tijd is voorbij dat ik van elke stad wist waar de aantrekkelijkste antiquariaten waren, of telkens uren kwijt was aan sneupen.

En toch moest ik de afgelopen boekenweek per se Titaantjes waren we hebben, omdat het er in de boekhandel aantrekkelijker uitzag dan online — het is een groot gebonden boek. Misschien wel alleen omdat ik wist spijt te kunnen krijgen het niet te hebben gekocht toen dit zo makkelijk kon. Veel lust om 75 brieven van Nederlandse auteurs aan hun jongere ik te lezen, heb ik namelijk nog niet.

En toch kocht ik Be My Knife van David Grossman online, nadat het alle filters had overwonnen; ondanks dat ik niets wist over het boek; noch inspanningen had verricht iets uit te zoeken.

Dit gedrag is zo zeldzaam geworden dat het ineens opmerkelijk genoemd mag heten om te worden opgetekend. Maar beide uitzonderingen laten ook zien dat ik niet begrijp waarom iets ineens hebzucht kan oproepen.
 


365 dagen, 365 boeken | 3

Het is nu 14 december 2010. Vandaag lukt me wat eerder dit jaar nog een waagstuk leek. Vandaag verschijnt de 365ste titel dit jaar op boeklog. Het project om elke dag tenminste een titel te recenseren is geslaagd; al had ik die boeklogjes wat eleganter over de dagen kunnen verspreiden.

En goed dat zijn het geen 365 boeken geworden, maar 364 boeken en éen krant.

Nu ja, een krant, wat uitgaven van lezingen, stripalbums, maar toch echt een hele hoop boeken. Dikke papieren boeken. Plus nog wat elektronisch spul ook daarbij.

Dus zou ik nu met vakantie kunnen gaan. Zoals gewoonlijk

In 2009 hield boeklog vanaf 10 december een winterstop. In 2008 was dat op 11 december, en in 2007 op 12. Tijdens de laatste maand van het jaar lees ik ook nooit zo veel; zonder dat me lukt om aan te geven waarom.

Maar die 365 titels volbrengen was de prestatie niet. Ik heb gelezen zoals ik normaal las. Zonder dwang of opdracht. En enkel eens een boek uitgelezen dat ik anders wel had weggelegd.

En ik ga ook nog niet met vakantie.

Te vaak heb ik me in het verleden geërgerd aan mensen die in de krant kwamen omdat ze 365 boeken gelezen hadden in een jaar, terwijl ik een heel slecht jaar moet hebben, willen er minder door mijn handen gaan. Dus wil ik gewoon nu nog even een groter aantal halen. En goed, 400 lukt me niet meer voor 1 januari.

Maar eens zien waar het nu strandt.


2010, een jaar in boeken
hoogtepunten en crises van de zesde jaargang boeklog

[bedoeld voor publicatie op boeklog, op 31 december]

Ook in 2010 werd boeklog door snoodaards gehackt. Gelukkig weet ik inmiddels wat te doen. Complete reparatie is binnen een paar minuten gefixt. Hopelijk heeft niemand er daarom iets van gemerkt. Zeker is dat Google de website nog altijd hoog waardeert; waar in 2009 wel degelijk diskwalificatie volgde na een hack. [En nee, de onveiligheid ligt bij mijn host, die dit halsstarrig ontkent].

Dit jaar bracht een 365-boeken project — maar alleen omdat ik vond zoiets eens gedaan te moeten hebben, voor ik met boeklog ophoud.

Verder werd op verschillende manieren onderzocht of er een meerwaarde zit in het lezen in series. Maar daarbij viel me op dat dit alleen kan als de boeken van éen schrijver zijn, en dan nog lang niet altijd.

Het lezen van The Smoking Diaries van Simon Gray was een gebeurtenis.

Het lezen van een reeks schrijversbiografieën benadrukte vooral dat ik het genre niet kritiekloos omarm.

En het experiment om de hele maand september te wijden aan deeltjes privé-domein werd na tien dagen gestaakt, omdat het me verveelde.

In 2010 schreef ik onder meer enige Friestalige stukken voor de papieren en digitale versie van het literaire blad Ensafh. Daarvan werden Nederlandse versies op boeklog, met toestemming, geherpubliceerd.

Verder werd gepoogd de ontsluiting van het al gepubliceerde materiaal te verbeteren, door op boeklog nu ook met dossiers te werken.

Tenslotte werden deze boeken dit jaar aanbevelenswaardig geacht:
[muis over het kaft voor een groter beeld]


2011, het komende jaar in boeken
Overwegingen vooraf aan de zevende jaargang van boeklog

Straks, tijdens de zevende jaargang van boeklog, ergens eind april begin mei, plaats ik het 2000ste boeklogje online. Deo volente. IJs en weder dienende. En als ik voordien niet onder de tram ben gelopen.

Maar regeren, zelfs als het om de koers van een simpele website gaat, is vooruitzien. Daarom denk ik nu toch al even na over de vraag of boeklog op dezelfde voet verder moet gaan.

Waar tweeduizend boeklogjes geschreven konden worden, lukt dat nog wel duizend meer. Of tweeduizend. Drieduizend. Zij het dat me al enige jaren het compromis kwelt dat aan elk boeklogje kleeft. Schrijven kost tijd, en goed schrijven kost altijd meer tijd dan gedacht. Weliswaar is regelmatig over een boek niet meer te zeggen dan ik er in een paar minuten over typ. Maar te vaak heb ik het gevoel tekort te schieten. En dat verenigt zich dan slecht met het gegeven dat alle extra tijd die ik aan het schrijven van boeklogjes besteed van mijn leestijd afgaat.

De paradox wordt steeds meer dat ik boeklog ooit begon om beter bij te houden wat ik las, maar ontdek geen tijd meer over te houden om te kunnen lezen, als ik mijn best zou doen op boeklog.

En ik schrijf echt beter, als dat niet snel even moet voor het echte werk begint.

Ook gaat het beter als iemand me vraagt om iets.

Of als er een deadline is; omdat dit betekent dat er een ander op mijn woorden wacht.

Dus heb ik mijzelf nu als opdracht gegeven om voor boeklogje nummer 2000 een vorm te vinden die de schrijver in mij net zo ten dienste kan zijn als met mij als lezer is gelukt. Misschien dat ik daarvoor de boer op moet, om meer teksten voor anderen te schrijven. Misschien dat het me lukt om zelf hindernissen te bouwen waarvan ik het ook leuk vind om die te overwinnen.

Met éen idee begin ik op 1 januari. Een plan is om in 2011 een aantal dikke boeken te lezen, die me nu wat verwijtend met de rug aankijken. Net zoals dat in de zomer van 2009 gebeurde met Infinite Jest van David Foster Wallace. Lezen dus, in een tempo van een honderd bladzijden per week, met de plicht om eenmaal in de zeven dagen een tussenrapport op te stellen.

Titels? Om te beginnen Thomas Mann’s roman Doktor Faustus. Daarna, allicht 2666. Of Handke’s Mein Jahr in der Niemandsbuch. Of anders Am Felsfenster morgens. Of Martin Gardner’s verzamelde essays in The Night is Large. Of wellicht toch een heel kwartaal vol Schopenhauer.

Er is nog zo veel te ontdekken.


Wat vind ik nu een mooi boek? | 15
dossiervorming

Toegevoegd aan boeklog, omdat het kan, een dossier met enkel boeken die een kaft hadden dat me beviel.


Boeklog, de blauwe periode

Toch waren die eerste vier boeken daar toeval.


Boeklog.nl

Het webadres Boeklog.info bestaat nu zes jaar. En een week.

Mijn boeklog begon een paar maanden daarvoor op minsken.eamelje.net, is nog steeds via dat subdomein te bereiken, maar dat was geen handig adres om aan een ander te vertellen. De meeste mensen spreken geen Fries. Bovendien kwamen er meteen na de start al opvallend veel bezoek langs. Dus had ik blijkbaar ook iets om anderen te vertellen.

Dat ik koos voor Boeklog.info en niet voor Boeklog.com, of Boeklog.net, was typisch zo’n snel bedacht compromis waar een mens vervolgens mee leven moet, maar toch nooit aan went. Er is geen prettig adres te maken met het woord Boeklog. Want een prettig adres vind ik een adres zoals van eamelje.net, waarbij de URL meteen al een statement is.

Boeklog.nl als adres was geen optie indertijd. Dat adres was weliswaar niet in actief gebruik — het verwees slechts door naar een website over activiteiten in de boekenwereld — maar was al van een ander.

Tot die het ineens opgaf, in de herfst van 2010.

En daarop werd Boeklog.nl ineens wel een mogelijkheid. Niet omdat ik dat adres nu zo graag gebruiken wilde. Zou ik het in bezit krijgen, zou het enkel dienen om naar Boeklog.info door te verwijzen. Maar sommige Nederlanders, en de KB, denken nu eenmaal dat een Nederlandse website alleen bestaat als deze een .nl-adres heeft. Dan maar even die twee kwartjes boete betaald om niet telkens met andermans domheid te hoeven kampen.

Boeklog.nl was in quarantaine tot 26 maart 2011. Dat was gisteren. Dit betekent dat er tot dan geen handel in te bedrijven was. Alleen was gisteren met geen mogelijkheid dat adres te registeren.

Dus was het nogal frustrerend om vanochtend te ontdekken dat een ander het adres wel had kunnen vastleggen [mirror]. Er zijn namelijk bedrijven die geld verdienen aan het veilen van .nl-domeinen die spoedig beschikbaar komen.

Net als er bedrijven zijn die voor veel geld domeinnamen komen opdringen.

Ik heb jaren last gehad van iemand die mij per se het adres eamelje.com wilde verkopen. Maar eamelje.com is niets.

Daarom ben ik nu benieuwd of iemand me Boeklog.nl gaat aanbieden. En welk een schandalig bedrag dat dan kosten moest.


Bij het 2000ste boeklogje

Het beste is het om nooit te stoppen met het stellen van vragen. Nieuwsgierigheid heeft zijn eigen redenen om te blijven bestaan. Dit zei Einstein; al vertaal ik zijn woorden hier wat vrij. En het aardige van het quoten of parafraseren van Einstein als autoriteit, is dat niemand het zo maar oneens met hem durft te zijn.

Maar toch. Wat een kwelling is het om altijd vragen te blijven stellen. Bij alles. En nooit tevreden te zijn met het allereerste antwoord — omdat ook zo’n antwoord dan weer het probleem oproept of het wel volledig is; of zijn kan.

Ik ben helaas nieuwsgierig geboren, en heb me allang tevreden moeten stellen met de constatering dat ik daarom met vele vragen zitten blijf. Heel weinig is zeker, en waarheden zijn wel bijzonder zeldzaam.

Vandaar misschien dat ik de weinige universele wetten zo koester waar wij als mensheid tot zijn gekomen, als de Universele verklaring van de rechten van de mens. Vandaar wellicht dat ik de politici en machthebbers haat die zich in hun blinde en oppervlakkige kippendrift niets van zulke bepalingen aantrekken.

Vandaar dat ik me blijf verbazen over wat mensen in hun onnozelheid durven uit te kramen.

En bij al mijn nieuwsgierigheid moet ik ook constateren slecht bediend te worden, door de professionals die samen ‘de media’ vormen. Die lijken zich vooral bezig te houden met al wat er niet toe doet. Die hebben een eigen wereldbeeld gecreëerd, waarvan vooral opvalt dat het opvallend simpel in stand te houden is. Die maken de opinies en levens van mensen belangrijk die op zijn best nietszeggend zijn — omdat deze mensen bij een groot publiek bekend zijn om heel andere redenen dan hun denkkracht.

De neiging om vragen te willen blijven stellen, is dan ook een asociale bezigheid. En voor u mij nu verdenkt mij hierover op de borst te kloppen, of me hierom uitverkoren te voelen; ik wil helemaal niet asociaal zijn.

Ik zou gewoon passief televisie kunnen willen kijken als ieder ander, zonder me te ergeren of te vervelen. Om er dan achteraf gewoon met anderen over te kunnen praten.

In plaats daarvan is mijn nieuwsgierigheid slechts te stillen met boeken. Honderden boeken, duizenden boeken. Boeklog toont vandaag het tweeduizendste logboekje over wat ik las sinds 1 januari 2005. Voor die datum zijn er ook al duizenden boeken meer langsgekomen in mijn leven.

Nu geven boeken zelden rechtstreeks de antwoorden die ik zoek. Wel helpen ze me om beter te kijken, en slimmer te zoeken naar andere ideeën die iets meer uitsluitsel kunnen brengen.

Bovendien heeft het telkens vastleggen van wat ik lees nieuwe vragen aangedragen. Ineens blijk ik bijvoorbeeld verslag te doen van hoe de dagbladwereld zich aan het ontwikkelen is. Plots zie ik van algemeen gebruikte begrippen die iedereen deze anders gebruikt en er iets verschillends bij denkt — zonder dat de spraakverwarring nu meteen opvalt.

Ook krijgt het papieren boek in sommige toepassingen ineens concurrentie van elektronische varianten, en zou ik wat actiever van deze overgang verslag mogen doen.

Alleen is dat boeklog een dagelijkse exercitie in nederigheid aan het worden. Als ik het zo goed zou maken als het kon zijn, zou er geen tijd meer overblijven om te lezen. Of de volgende duizend boeklogjes opnieuw binnen drie jaar geschreven worden, is opnieuw een vraag.

Maar lezen blijft gewoon prettig om te doen. En er is nog zo veel niet gelezen.

[18 april 2011]

Waarom nog immer voortborduren, als het patroon inmiddels wel duidelijk is?

Er zijn veel redenen om een weblog te beginnen. Maar wie dat een tijd doet, in zijn eentje, houdt vervolgens weinig redenen over om er mee door te gaan. Routine dreigt gauw, verveling ligt op loer. De zelfopgelegde plicht gaat schrijnen. En een tweet, krabbel, of Facebook-bericht is zo veel sneller geschreven; roept inmiddels zo veel makkelijker reacties op ook.

Bij mijn beide weblogs heb ik dan het geluk dat dit allereerst publieke aantekenschriftjes zijn, met een deel van wat mij opviel. Stel dat ik deze ruimte benut zou hebben voor zoiets als zelfexpressie, of om anderen te vertellen over mijn leven.

Maar dan nog gaat het allemaal niet vanzelf. Aan boeklog kleeft voor mij al te lang het probleem dat ik mijn boeklogjes dien af te raffelen, en toch meen elke dag binnen twintig minuten een wonder te kunnen verrichten.

Bovendien heb enkel ik mezelf opgelegd om twee jaar lang elke dag minstens éen boeklogje te publiceren — omdat het me altijd zo ergert als ergens iemand publiciteit scoort voor het lezen van een boek per dag een jaar lang. Ik lees al minstens dertig jaar zeker een boek per dag; gemiddeld over een jaar.

Wellicht ga ik in 2012 het eens een jaar helemaal anders doen. Beperk ik me dan tot éen goed geschreven boeklogje per week, zodat de schrijver in mij ook eens lol beleeft aan het publiceren online.

Nadeel van die verandering is wel dat boeklog me dan waarschijnlijk meer tijd gaat kosten dan nu. Voordeel zal slechts zijn dat er niet die domme plicht is om elke dag weerbaar te hoeven zijn.

Vandaag twee maanden geleden publiceerde Achille van den Branden de laatste bespreking op zijn boekenweblog. Zijn andere website, waar hij fragmenten uit boeken op zette, is sinds 4 april niet meer ververst.

Ik ben niet de enige aan wie dit zwijgen is opgevallen [1]. Poëzie-weblog De Contrabas verspreidde zelfs een opsporingsbericht. En een opvallend grote hoeveelheid mensen heeft me inmiddels gemaild met de vraag of ik meer wist over Achille van den Branden.

Die grote zorg geeft trouwens hoop, voor de mensheid.

Maar nee, ik weet niets meer over Achille van den Branden’s plotselinge verstommen dan welke gewone bezoeker van zijn websites ook. Evenmin kan ik hem daarover benaderen via andere adressen dan op de website staan aangegeven, en vanwaar geen antwoord terug komt, aldus mijn correspondenten.

Er zijn heel wat redenen om met een weblog op te houden. En als iemand ophoudt, kan ik slechts hopen dat die keuze geen onverwacht gedwongen keuze is.

  1. en ben al evenmin de enige die dit is opgevallen vandaag [ ]

Serieel lezen

Zoals ik boeklog maak, schept boeklog omgekeerd mij. Systematisch bijhouden wat ik lees, voor mijn lol, heeft er onder meer voor gezorgd dat tegenwoordig wat meer moeite wordt gedaan om nieuwe titels te vinden. Of om van geliefde schrijvers zo veel als mogelijk is te pakken te krijgen.

Desalniettemin zit er inmiddels sleet op, op mijn lezen zowel als op boeklog. De zelfopgelegde plicht kwelt, om vrijwel elke dag maar weer aandacht te besteden aan iets dat iemand anders schreef.

Eerder kondigde ik daarom al aan het in 2012 eens een tijdje anders te gaan doen.

En toch heeft deze zomer boeklog me iets goeds opgeleverd. Ik ontdekte hoe verrijkend het was om in korte tijd een reeksje boeken te lezen met een gemeenschappelijk thema.

Zelfs al had dit me duidelijk kunnen zijn. Voor een onderzoek die ik precies hetzelfde. Zo’n grote hoeveelheid teksten doornemen, met al hun feiten en meningen, maakt dat hun gezamenlijke onderwerp extra leven gaat.

Om boeklog vol te kunnen houden, is het dus goed zo af en toe puur projectmatig te denken. En dan iets meer voorbereidingstijd te nemen als er nu was met die boeken over fietsen.

Het lezen moet een lust blijven, anders kosten al die boeken alleen maar tijd.
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 


349 dagen, 365 boeken | 4

Half december is het, en zoals gebruikelijk ben ik bezig mijn boekenjaar af te ronden. Voorheen ging boeklog telkens om deze tijd met reces, tot 1 januari. De laatste weken van het jaar lees ik zelden iets van een langere adem uit.

Dit jaar post ik kalmpjes, net als in 2010, de rest van het jaar elke dag wat er nog aan buffer ligt. Bijna alle boeken die ik wilde lezen zijn uit. Over haast alles wat uitgelezen werd, is een boeklogje geschreven.

Vandaag is het 365ste boeklogje van 2011 online gezet. En het 366ste ook maar meteen.

En zo gek als in 2010 en 2011 zal het waarschijnlijk nooit meer gaan. De afgelopen twee jaar waren een test, om te kijken of ik werkelijk over alles wat ik uitlas ook iets te zeggen had.

En in éen aspect is deze proef mislukt. Het schrijven van de boeklogjes werd een taak, en daarmee een verplichting. Terwijl nu juist spontaniteit nodig blijft om het leuk te houden.
 
 


2011, in boeken
de 7e jaargang van boeklog in het kort

deze tekst verschijnt ook aldaar op 31 december

Boeklog publiceerde ook in 2011 minstens éen boekbesprekinkje per dag, net als in 2010. Maar dat was meteen ook het enige opmerkelijke aan het jaar.

Sterker nog. Toen ik me in de zomer bedacht dat het eigenlijk eens helemaal anders moest met dat boeklog, werd het bijhouden ineens tot last. Het nut van de zelf opgelegde plicht was er niet meer. En dat inspireerde me evenmin om nu alvast maar nieuwe wegen in te slaan.

Wel is 2011 het jaar waarin ik het idee opvatte om boeken die me anders problemen gaven projectmatig te lezenlangzaam, verspreid over vele weken.

Daarvan leerde ik dat verhalenbundels zich totaal niet voor deze aanpak lenen, en dat die het best werkt bij dikke romans. Dit projectmatige lezen zet ik daarom gewoon door, zolang dat me niet verveelt. En waarschijnlijk komt er dezer dagen ook wel ergens een lijstje online met boeken die ik zo wil gaan aanpakken de komende tijd.

Het aantal boeken dat ik eenieder zonder meer kan aanbevelen lag in 2011 lager dan normaal. Terwijl ik toch denk door het weblog en de systematische aanpak daarachter beter te kunnen inschatten welke titels me liggen, en wat niet. Enfin.

En goed, voor de cijferfetisjisten, 2011 was het jaar dat het 2000ste, en dus ook het 2011e boeklogje online verscheen. Ook daar wijdde ik enige gedachten aan.

[muis over de plaatjes om een grotere afbeelding te zien]


En eamelje.net dan?
over de toekomst van mijn beider weblogs

Op boeklog prijkt vandaag de aankondiging dat ik het in 2012 een stuk kalmer aan doe met het schrijven over boeken.

De tijd die daardoor vrijkomt, zou ik bijvoorbeeld kunnen besteden aan mijn oer-weblog. Om eamelje.net weer op te stoten in de vaart der volkeren. Want het is wat in de nederklits geraakt.

Ooit, tot 2007, was eamelje.net een belangrijker website dan boeklog. De pagerank was hoger. Er kwamen hier tot twee keer meer bezoekers. Tot boeklog ineens recordaantallen visite zou gaan ontvangen — aantallen nog altijd niet geëvenaard — en de balans omsloeg.

Zeker in 2011 was eamelje.net vaak niet meer dan een plek om aan te kondigen dat er iets nieuws op boeklog was verschenen. Maar die automatische vulling valt nu grotendeels weg. Dus moet er wat anders.

Punt is alleen, ook in de elfde jaargang heb ik nog altijd geen idee waartoe eamelje.net eigenlijk dient. Laat staan hoe ik het weblog een hogere kwaliteit kan geven.

Al levert dat gegeven ook de ruimte op om alles eens helemaal anders te doen.


Benieuwd hoe lang dit blijft

De bezoekcijfers van boeklog, in de eerste week van 2012 — waarbij het nog altijd kerstvakantie was voor velen in Nederland — passen in de gemiddelden van het afgelopen halfjaar.

Als dit zo blijft op éen boeklogje in de week heb ik mijn inspanningen dus behoorlijk overdreven al die jaren.


Meteen al afkickverschijnselen
boeklog in 2012

Schrijven is voor mij meer dan enkel het leuk op een rij zetten van een reeks woorden. Pas door te schrijven, krijgt wat ik dacht helemaal vorm. Want opvallend vaak nog komt er iets anders te staan op mijn computerscherm dan ik in mijn hoofd had van tevoren.

Dus merk ik nu dat zeven jaar boeklog veel veranderd heeft aan mijn manier van lezen. Door de zelfopgelegde plicht om iets te vinden van een tekst, en de inhoud niet enkel te ondergaan, bleef een boek nadat het uit was altijd in mijn gedachten.

Het valt me zwaar om die gewoonte onmiddellijk op te geven, bij het sabbatical. Een boek zo maar kunnen wegleggen, voelt nu nog te veel als het ook maar meteen vergeten.

Bovendien dwong boeklog me om boeken helemaal door te nemen als ik het trucje van de schrijver wel doorhad op een gegeven moment. Alleen al om te voorkomen dat ik feitelijke onjuistheden zou debiteren in het uiteindelijke boeklogje over zo’n tekst.

In de eerste weken van 2012 begon ik onder meer in De weldoener van P.F. Thomése, en lukte het me niet om deze roman uit te lezen. Ik had weliswaar van alles op deze uitgave aan te merken — zo is het boek doordrenkt van een mij wezensvreemde religieuze saus — maar omdat er toch geen boeklogje van komen zou, vervlochten die constaterinkjes en ergenisjes zich nooit tot een heldere opinie. Op de mening na dan dat verder gaan geen zin had.

Een ander boek dat al passeerde was de populair-filosofische essaybundel En toen wisten we alles van Coen Simon. In recensies elders werd de auteur onder meer vergeleken met Rudy Kousbroek; dus dat beloofde. Maar een principieel verschil tussen beide is alleen al dat Kousbroek zo vaak dingen opmerkte die verder niemand zag. Terwijl Simon nu juist gemeenschappelijke ervaringen een kader probeert te geven; en daarvoor dan leentjebuur speelt in de grote bibliotheek van de filosofie.

Dus had een boeklogje over En toen wisten we alles waarschijnlijk een hardop uitgesproken gedachtegang opgeleverd over de vraag of dat nog kan, tegenwoordig, om waarheden op te merken die verder nog niemand gezien heeft.

Nu passeert al dit zonder dat er een poging tot beantwoording wordt gedaan. Terwijl de vraag me zinnig lijkt. Er is absoluut nog bijziendheid genoeg.

En zo maakt de schrijfpauze op boeklog me bewust hoe nuttig het is om teksten te blijven schrijven. Mijn gedachteleven verkalkt anders te erg.

Maar voorlopig voelt het nog vooral schandalig dat ik boeken meteen na het lezen al vergeten mag.

Zoals al vaker opgemerkt hier, zoals een mens gereedschap maakt, vormt zo’n werktuig de mens weer.

 


Leugens, bedrog, statistieken

Ik heb zeker geen spijt boeklog even op een zacht zin te hebben gezet — nogal wat boeken tot nu toe dit jaar loonden de moeite niet om uit te lezen; laat staan om er wat over te schrijven. Alleen is er nog altijd wel die site. Dat merk, zoals het tegenwoordig heet, met zijn reputatie, waarvan ik hoop dat die enigszins intact kan blijven terwijl ik andere dingen doe.

Maar worden de bezoekersaantallen vergeleken met die van vorig jaar, dan trekt boeklog momenteel zelfs iets meer volk.

Een simpele reden daarvoor kan zijn dat er sinds februari 2011 ruim 400 pagina’s met inhoud bijkwamen — boeklogjes, auteurpagina’s, zowel als dossiers — en Google dus meer redenen heeft gevonden om bezoek door te verwijzen. Dus zeggen bezoekersaantallen niet alles.

Zij het dat ze wel de enige harde feiten zijn waarop ik kan leunen.


Halfbakken sabbatical

Toen ik bedacht het eens een jaar veel rustiger aan te doen met boeklog, meende ik toch dat het goed zou zijn om eens per week een boeklogje te blijven plaatsen. Dat zou de continuïteit van de website min of meer waarborgen. En daardoor bleef iets van de routine bewaard van het werk.

Op negentien maart, nog niet eens drie maanden later, zijn er toch alweer 8 + 12 + 8 = 28 boeklogjes gepubliceerd. Ga ik zo door wordt het gemiddelde over 2012 gewoon weer iets van 130-140.

En ook van mijn andere voornemen, om eens wat beter mijn best te doen op de tekstjes, kwam nog weinig terecht.

Als iets duidelijk is geworden de afgelopen weken, dan wel dat boeklog de afgelopen jaren zijn eigen ruimte creëerde. Mijn dagen zaten domweg gestructureerder in elkaar toen er nog een bijna dagelijkse plicht was om iets te schrijven over wat ik had gelezen.

Ofwel, de ene verslaving is eigenlijk alleen probleemloos op te geven, als daar meteen een andere even intensieve voor in de plaats komt.

Nu rest me enkel de opluchting na weer een matig boek dat ik daar niet iets over hoef te gaan schrijven. Maar misschien was het dus beter geweest om juist lol te gaan ontlenen aan het schrijven van boeklogjes over boeken met te veel pretenties.


2012: een vrijwillige lobotomie
terugblikkend op de 8ste jaargang van boeklog

[…] Het enige moment waarop ik wel stevig denk, is tijdens een discussie. Helemaal als het erop lijkt dat ik ongelijk heb. Lezen levert ook zo’n discussie op. En de merkwaardige dialoog met een boek is voor mij zeer vruchtbaar gebleken voor reflectie. Misschien omdat de tekst de hele tijd maar van éen kant blijft komen, en mij de passiviteit van die ontvangst niet zo past.

Lees ik fictie en is de schrijver niet boeiend genoeg, dan vormt zich vanzelf een kritiek.

Lees ik een zakelijke tekst dan ben ik gewoon alle beweringen van de auteur te toetsen. Vooral als ze heel stellig zijn.

En boeklog heeft dan het grote nut dat er toch nog iets wordt vastgelegd van al die gedachten — zelfs al komt [er] doorgaans maar een fractie te staan van wat ik beleefd heb. En gezien dit nut ben ik voorlopig nog niet van dit publieke leesdagboek af. […]

boeklog 28 xii 2012


2012: in boeken
de 8ste jaargang van boeklog in het kort

In 2012 las ik minder boeken dan ooit, om eens te kijken of daardoor andere routines zouden ontstaan. Alleen vielen die veranderingen tegen.

Desondanks dat leverde het jaar nog altijd ruim honderd boeklogjes op, zodat de teller nu op 2.400 rond staat. Bovendien trok boeklog ondanks de stilte vergeleken met de afgelopen jaren bijna 10% meer bezoekers dan in 2011.

Maar als het mij om bezoekersaantallen te doen was, zou ik andere boeken behandelen. Trends in aandacht zijn belangrijker dan cijfers. Bovendien, sinds iedereen en zijn tante zich allereerst op netwerken als Facebook richt, zijn weblogs sowieso minder in tel. 2007 blijft voor boeklog het topjaar: toen kwamen er twee keer meer mensen langs dan op het moment.

Meest bezochte pagina’s hier na de homepage zijn inmiddels de service-pagina’s, zoals het hoort, met op top de auteursindex, voor de over boeklog-pagina, en de titellijst.

Best bezochte boeklogje in 2012 is dat uit 2009 over de stripalbums Dick van Bil 1 & 2. Al is de auteurspagina van Peter van Straaten nog twee keer populairder. Beide waarschijnlijk omdat Google de daar getoonde illustraties hoog heeft geplaatst — wat mijn inspanningen hier aardig relativeert.

In 2012 keek ik vooral terug — het afgelopen jaar was een jaar van herbezinning; van het terugblikken op het oude vanuit een mogelijk iets gewijzigd perspectief.

Niet altijd doorstonden oude favorieten de test om kritisch te worden herlezen.

Ondertussen is er grote gretigheid gegroeid om weer boeken te gaan kopen, en nieuwe zaken te ontdekken.
 

Aanbevolen titels die hier in 2012 langskwamen zijn:

[muis over het kaft voor een groter beeld]


2013: bij het 2500ste boeklogje
cijfers, plannen, ideeën

[…] Het vijfentwintighonderdste boeklogje is gepubliceerd op 25 april 2013, in de honderdste maand dat de website bestaat. Daarmee lijkt het niet moeilijk om uit te rekenen hoe veel boeken ik lees per maand.

Dat zijn er evenwel meer. En ik begin nog altijd in meer boeken dan ik uitlees.

Boeklog bevat naast de 2.500 boeklogjes inmiddels nog 1.770 andere pagina’s [aldus Google]. […]

boeklog 25 iv 2013 bis


2014: nog éen keer op dienstregeling
bij de tiende jaargang van boeklog

[…] 2014 bracht boeklog in de tiende jaargang. Dat is een groot tijdsbestek voor een onbetekenend zijlijntje in mijn activiteiten; een dingetje voor even erbij. Waarschijnlijk duurt de activiteit alweer te lang.

Maar, omdat ik nu eenmaal zo ver gekomen ben, kan dat ene jaar volgens de inmiddels ingesleten gewoonte er ook nog wel bij. Op 1 januari 2015 biedt dit weblog dan 3.000 boeklogjes, ijs en weder dienende. Misschien zelfs nog een paar meer. En doen moest het maar over zijn ook met alle vaste regelmaat.

Waarmee niet gezegd zij dat ik boeklog dan offline zet, of helemaal stop met het opschrijven van mijn gedachten na het lezen van boeken. Ik wil vooral af van de bijna dag-dagelijkse verplichting hier iets te publiceren; en de discipline die dit vergt. Zelfs al is er niemand die mij deze plicht oplegt; en blijft het vreemd dat ik deze überhaupt voel. […]

boeklog 4 i 2014