De Troost die Literatuur heet

een allerminst volledige blik in mijn boekenkasten

Uiteindelijk helpt niets – Abrahams
Arbeid een eigenaardig medicijn – Achterhuis
De markt van welzijn en geluk – Achterhuis
De boze tijden waarin wij leven – Allen
De hand aan zichzelf slaan – Améry
Difficulties with Girls – Amis
The invention of Solitude – Auster
Dagboek van een vernederd man – de Azúa
Geschiedenis van een idioot door hemzelf verteld – de Azúa
Dagboek van een teleurgesteld man – Barbellion
kijk verder »»


Selbstzwang

Ich zwinge mich, über etwas zu schreiben, an das ich nicht glaube, um nicht auf mich, der daran nicht glaubt, beschränkt zu bleiben – vielleicht werde ich daran glauben, wenn ich es mit Geduld beschrieben habe

Peter Handke, Das Gewicht der Welt, 18. März 1975


Handke ii

Der Nachteil bei großer Literatur ist, daß jedes Arschloch sich damit indentifizieren kann.

Das Gewicht der Welt, 18. März 1975


De Last van de Wereld

Leren om de formuleringen voor de momenten van inzicht later niet nog eens, ook al is het alleen maar voor je zelf, te herhalen – opdat je ze (de inzichten) niet vergeet (het formuleren als een vorm van vergeten.)

Peter Handke, De last van de wereld, 22


Wat vind ik nu een mooi boek? | 02

Interessant, die trend van dit ogenblik om boeken uit te geven zonder titel of andere aanduiding op de voorkant. Het boek hieronder heet The Black Swan. En nee, een heruitgave van Naomi Campbell’s roman is het niet. Dit boek werd geschreven door Nassim Nicholas Taleb. Het is een beetje een hype op het moment, maar dan éen waar ik me voor de verandering nu wel eens in interesseer.

Ons onvermogen risico’s of de kans dat iets gebeurt goed in te schatten, daar gaat het over.

Helemaal maar afzien van typography zal een boekontwerp ook minder onderhevig maken aan modes, misschien. Kijk ik naar een boekje als Canetti’s Fliegenpein, dan stoort de belettering me tegenwoordig wat. Terwijl ik dit boekje toen het net uitkwam in 1992, niet alleen om de vormgeving, maar ook vanwege het handzame formaat, éen van de mooiste uit mijn verzameling vond.

Datzelfde gold lang voor Handke’s kloeke bundel met aantekeningen. Al vond ik dat boek vooral zo mooi omdat het tekeningetje van dat rode kluwen doorloopt op de zijkant.

Enfin, boeken moeten gelezen worden. Dat leer ik hier dan wel uit.


Citaat van de dag | 1229

Het narcisme in de koude winter

Peter Handke, De last van de wereld, 296


De last van de wereld

[…] Handke nam zich eind 1975 voor direct in taal te reageren op alles wat op hem afkwam. Dus is dit boek geen dagboek in de gebruikelijke zin van het woord. Gebeurtenissen die een ander duidelijk benoemd had — Handke werd bijvoorbeeld met hartklachten in het ziekenhuis opgenomen — zijn bij hem alleen duidelijk omdat er ineens overwacht veel nieuwe mensen in zijn waarnemingen voorkomen.

Daarmee is dit een boek vol zinnetjes. […]

boeklog 1 ii 2009


Essay over de moeheid

[…] De moeheid in dit boek kan de weldadige vermoeidheid zijn na een inspanning, maar ook de verlamming die optreedt als iemand zijn eenzaamheid beseft. Tegelijk is moeheid soms hoogstnoodzakelijk, om de afstand te nemen, nodig om tot heldere nieuwe inzichten te komen. […]
 

boeklog 24 v 2009


Essay over de jukebox

[…] Verder kan ik ook niet heel veel met dit boek.

Het biedt wat mijmeringen van Handke, over de centrale plaats van de jukebox in de gelegenheden die weleens bezocht. En daarmee geeft het een kijkje in zijn autobiografie, maar toch ook weer niet, omdat hij een algemeen verschijnsel beschrijft, dat zo nu niet meer zo bestaat. […]

boeklog 25 v 2009


Essay over de geslaagde dag

[…] Peter Handke dacht hardop na over wat een dag geslaagd zou kunnen maken. En of hij dan ooit weleens een geheel geslaagde dag had meegemaakt.

Hij wist wel zeker van niet. Hij herinnerde zich er in elk geval geen. […]

boeklog 11 vi 2009


15 in 15

Een nieuwe meme: noem binnen een kwartier 15 boeken die je gelezen hebt, en je voor altijd zullen bijblijven:

  1. Saul Bellow, Herzog
  2. Jeroen Brouwers, Kroniek van een karakter
  3. Elias Canetti, Die Provinz des Menschen
  4. Norbert Elias, Über den Prozeß der Zivilisation
  5. Max Frisch, Montauk
  6. Eduardo Galeano, Het boek der omhelzingen
  7. Peter Handke, De last van de wereld
  8. Esther Jansma, Picknick op de wenteltrap
  9. Garrison Keillor, Lake Wobegon Days
  10. Gerrit Komrij, Humeuren en temperamenten
  11. Fernando Pessoa, Het boek der rusteloosheid | The Book of Disquiet
  12. Karel van het Reve, Uren met Henk Broekhuis
  13. Jean-Philippe Toussaint, De badkamer
  14. John Updike, Pigeon Feathers and Other Stories
  15. Rink van der Velde, Feroaring fan lucht

opmerkingen:

  • aan het bijhouden van een boeklog is blijkbaar de eis gekoppeld je favorieten eens in de zoveel tijd te herbezoeken;
  • te weinig vrouwen. Maar Alice Munro noch Renate Rubinstein bijvoorbeeld schreven boeken uit éen stuk; dat maakt het vrijwel onmogelijk een memorabele titel van hen te noemen;
  • romans vind ik blijkbaar de moeite van het herinneren nauwelijks waard;
  • een strikte keuze uit de wetenschappelijke boeken, of filosofie, had een andere lijst opgeleverd;

Aantekenen: volgend jaar opnieuw doen, en kijken of er dan iets is verschoven.


Technologie die ik gekend heb

Ik weet precies hoeveel Walkmans ik heb gehad. Drie. Een goedkope, een luxe, en een sportmodel; dat het nog doet. Maar het staat me niet zo maar voor de geest hoeveel mobiele telefoons ik inmiddels heb versleten. Terwijl die ook in gebruik zijn, of waren, als Walkman en radio.

Het verschil tussen beide ervaringen? Leeftijd, ongetwijfeld. Geen muziek maakt meer indruk dan de muziek uit de late jeugd; als er zich eindelijk zoiets als smaak begint te ontwikkelen. En als de liefde voor bepaalde muziek tegelijk een groot sociaal kapitaal is, slechts uit te wisselen in een select gezelschap.

En: zelfs al heet mijn laatste telefoon van de firma Sony-Ericsson een Walkman, het ding kan nog zo veel meer. Ik gebruik zeker de helft van de mogelijke functies niet.

Maar ooit was er een tijd dat geen reis kon zonder stapels cassettes, en bundels batterijen daarbij. Waarbij nog al de moeite kwam om die cassettes met muziek te vullen. Wat een tijd nam dat niet.

De Walkman bestaat nu dertig jaar, en de BBC liet een 13-jarige iPod-tiener een week met zo’n apparaat op stap gaan. Zo iemand is weinig sentimenteel over wat ooit de stof van dromen was.

Dat stuk leidde tot een discussie op MetaFilter. Die zich enerzijds kenmerkte door een ongeloof dat een 13-jarige Brit geen ongeletterde Amerikaan is, maar tegelijk ook de poorten naar het collectieve sentiment nogal ruim open zette.

Ach ja. Peter Handke schreef een heel boek over de aanwezigheid van de Jukebox tijdens zijn jeugd. Zo heeft iedere generatie wat. Wij konden onze muziek tenminste al meenemen. Een volgende kan vast alles naar keuze zo uit de lucht plukken.


Handke en de Himmel

Een lezer stelde een onmogelijke vraag. Wat uit Peter Handke’s aantekenboek Das Gewicht der Welt is precies gebruikt in de film Himmel über Berlin?

Punt is, dat heb ooit geweten. Twintig jaar geleden. Maar kennis die verder nooit gebruikt wordt, verdwijnt. Duidelijk is me nog wel dat poëtisch geladen passages, zoals de opening van de film hierboven, bij Handke wegkomen. En soms vrijwel letterlijk in het boek staan.

Dat geldt ook voor de andere passages over ‘Das Kind’ in de film.

Er was meer. Maar ik reik nu vergeefs naar dat meer.


2011, het komende jaar in boeken
Overwegingen vooraf aan de zevende jaargang van boeklog

Straks, tijdens de zevende jaargang van boeklog, ergens eind april begin mei, plaats ik het 2000ste boeklogje online. Deo volente. IJs en weder dienende. En als ik voordien niet onder de tram ben gelopen.

Maar regeren, zelfs als het om de koers van een simpele website gaat, is vooruitzien. Daarom denk ik nu toch al even na over de vraag of boeklog op dezelfde voet verder moet gaan.

Waar tweeduizend boeklogjes geschreven konden worden, lukt dat nog wel duizend meer. Of tweeduizend. Drieduizend. Zij het dat me al enige jaren het compromis kwelt dat aan elk boeklogje kleeft. Schrijven kost tijd, en goed schrijven kost altijd meer tijd dan gedacht. Weliswaar is regelmatig over een boek niet meer te zeggen dan ik er in een paar minuten over typ. Maar te vaak heb ik het gevoel tekort te schieten. En dat verenigt zich dan slecht met het gegeven dat alle extra tijd die ik aan het schrijven van boeklogjes besteed van mijn leestijd afgaat.

De paradox wordt steeds meer dat ik boeklog ooit begon om beter bij te houden wat ik las, maar ontdek geen tijd meer over te houden om te kunnen lezen, als ik mijn best zou doen op boeklog.

En ik schrijf echt beter, als dat niet snel even moet voor het echte werk begint.

Ook gaat het beter als iemand me vraagt om iets.

Of als er een deadline is; omdat dit betekent dat er een ander op mijn woorden wacht.

Dus heb ik mijzelf nu als opdracht gegeven om voor boeklogje nummer 2000 een vorm te vinden die de schrijver in mij net zo ten dienste kan zijn als met mij als lezer is gelukt. Misschien dat ik daarvoor de boer op moet, om meer teksten voor anderen te schrijven. Misschien dat het me lukt om zelf hindernissen te bouwen waarvan ik het ook leuk vind om die te overwinnen.

Met éen idee begin ik op 1 januari. Een plan is om in 2011 een aantal dikke boeken te lezen, die me nu wat verwijtend met de rug aankijken. Net zoals dat in de zomer van 2009 gebeurde met Infinite Jest van David Foster Wallace. Lezen dus, in een tempo van een honderd bladzijden per week, met de plicht om eenmaal in de zeven dagen een tussenrapport op te stellen.

Titels? Om te beginnen Thomas Mann’s roman Doktor Faustus. Daarna, allicht 2666. Of Handke’s Mein Jahr in der Niemandsbuch. Of anders Am Felsfenster morgens. Of Martin Gardner’s verzamelde essays in The Night is Large. Of wellicht toch een heel kwartaal vol Schopenhauer.

Er is nog zo veel te ontdekken.


Experiment. Lezen als project

Experiment. In 2011 wil ik enige dikke boeken lezen waar ik voorheen altijd in strandde, of die nodig een keer herlezen moeten worden, maar me nu te veel afschrikken door hun omvang. Boeken die me nu verwijtend aankijken met hun rug.

De truc daarbij zal zijn om me te beperken tot een gering aantal pagina’s per week — honderd zeg ik nu, maar de praktijk zal misschien anders lopen — zodat elke leesbeurt een project wordt. Daarbij zal ik elke week op zaterdag of zondag een tussenverslag uitbrengen; in de hoop ook dat dit grote hoeveelheden tekst oplevert waar mooie boeklogjes uit te destilleren zijn.

Vergelijk dit maar met wat er in de Infinite Summer van 2009 gebeurde.

Morgen begin ik in Doktor Faustus van Thomas Mann. Die roman zal naar schatting een week of zeven in beslag nemen.

In week acht volgt dan waarschijnlijk Roberto Bolaño’s 2666, die me een week of negen verder 2011 in zal leiden.

Andere mogelijke titels zijn nu: Peter Handke’s Mein Jahr in der Niemandsbucht, Elias Canetti’s Masse und Macht, Schopenhauer’s Parerga und Paralipomena, en Martin Gardner’s The Night is Large. En eer ik die door ben, is het welhaast 2012.

Ondertussen, en als dit werkt, en als het me iets oplevert, zijn me dan allang andere titels ingevallen.


Mein Jahr in der Niemandsbucht
Peter Handke

Dik & Duits dan maar weer, in mijn project om boeken die me eerder niet genoeg zeiden nu eens heel langzaam te lezen. Eerder in 2011 kwamen de romans Doktor Faustus langs, en 2666.

Over de roman Mein Jahr in der Niemandsbucht weet ik vrijwel niets, vooraf. Behalve dan dat het over een schrijver zou gaan, die rondstapt in de voorsteden van Parijs; en daar aantekening van maakt.

Over de betekenis van Peter Handke voor mijn lezende leven heb ik op boeklog met regelmaat geschreven. Deze roman dateert alleen uit het midden van de jaren negentig; de tijd dat zijn invloed op mij al flink was getaand. Dit boek had ik toen misschien nog wel kunnen lezen, ware het niet dat het me veel te duur was. Het kostte in de Nederlandse vertaling meer dan honderd gulden, zo staat me bij.

Pas veel later, in de ramsj, kocht ik het voor een luttele ƒ 7,50.

Voor Handke gold toen al dat ik de boeken niet van de bieb kon lenen. Bij hem, sterker dan wie verder ook, moeten werkelijk alle omstandigheden kloppen, wil ik in zijn boeken kunnen verdwijnen — en soms komt dat weken niet voor. Want er gebeurt doorgaans te weinig om makkelijk gegrepen te worden. Het is de taal die het doen moet, en met de lading dient te komen die het lezen tot een evenement maakt.

[ volg mijn ervaringen met Mein Jahr in der Niemandsbucht hier ]


Wat vind ik nu een mooi boek? | 17

Een associatie die ik steeds heb bij dit boek van Peter Handke, is die van kleuterschool.

Mijn exemplaar van Mein Jahr in der Niemandsbucht, Suhrkamp Taschenbuch 3084, Erste Auflage 2000, heeft een kaft van zwart karton. En dat lijkt nogal veel op hetzelfde zwarte karton waarmee ik als kleuter knutselde.

Door er plukjes watten op te plakken, en zo meer; want dat waren dan wolken.

Dat zwarte karton van de kleuterschool was overigens niet heel erg handelbaar. Zo vouwde het minder netjes als andere papiersoorten. Dus alleen al dat dit nu wel keurig om de inhoud van het boek past, doet al iets.

Op zich is het ook een vondst om zilverkleurige letters voor de titel te gebruiken, zoals eerder bij kioskromannetjes past. Jammer is dan alleen dat Suhrkamp zo lang hetzelfde lettertype gebruikt heeft voor zijn paperbacks, en ik die letter nooit erg mooi heb kunnen vinden.

Embossed in zilver lijkt het font nog erger gedateerd.


Mein Jahr in der Niemandsbucht | t/m 97
Peter Handke

Het plan om wekelijks een overzichtelijk tal pagina’s te lezen van een dik boek, heeft natuurlijk een foute reden. Alles is te verteren in heel kleine stukjes. Ook de onleesbaarste werken.

En bij Handke’s romans is het altijd afwachten of ik er wel inkom, bij hem. Dus pastte hij in het project. Helemaal omdat critici dit boek gauw eens als een hoogtepunt in het oeuvre zien.

Ditmaal greep Mein Jahr in der Niemandsbucht me alleen direct. Meteen was er een leesroes, waarin het vanzelf sprak dat ik door las en door las. Nu goed, ik beperkte me tot iets meer dan de helft van het eerste van de vijf delen van het boek. Maar het mooi iets te hebben om naar uit te kijken; om volgende keer weer verder te mogen.

Tegelijk weet ik nog nauwelijks iets. Dit eerste boekdeel, met de titel ‘Wer nicht? Wer?’, is de meanderende monoloog van een man, die lijkt te wachten tot er eindelijk eens iets gaat veranderen in zijn leven.

De man is een schrijver. Hij heeft een kind, en ex-vriendinnen. En hij woont vlakbij Parijs, al ligt er nog wel een heuvelrug tussen.

Prettig las zijn betoog om een reden die weinig met dit boek te maken heeft. Ik heb namelijk alle aantekenboeken van Handke gelezen; waarin hij trachtte direct in taal te reageren op wat op hem afkwam. En deze monoloog las bij vlagen als die aantekeningen, maar dan nu eens uitgewerkt tot een lopend verhaal. Eindelijk zag ik al die duizenden waarneminkjes eens logisch bij elkaar gezet.

[ lees mijn ervaringen met Mein Jahr in der Niemandsbucht hier ]


Mein Jahr in der Niemandsbucht | t/m 156
Peter Handke

Eén boekdeel is uit, van de vier. Twee weken zijn voorbij van de zes die ik voor de roman wil uittrekken. En het moet allemaal nog beginnen. Handke neemt de ruimte; en dat is een kwaliteit.

Deze week leerde ik ook eindelijk pas de naam van de man die mij het hele boek gaat toespreken. Die luidt Gregor Keuschnig. En helemaal zonder betekenis is dit niet, omdat Handke in meer romans over Keuschnig schrijft — zoals Die Stunde der wahren Empfindung. En daarin was hem ook al zo’n passieveling.

Dromen is het, wat hij doet. Want, het moet allemaal anders.

Mein Jahr in der Niemandsbucht heeft als ondertitel: Ein Märchen aus den neuen Zeiten. En het einde van het eerste boekdeel biedt nogal wat meditaties over vertelvormen, wat deze doen, en wat die moeten brengen.

Vanzelfsprekend laat de man, die zich inmiddels als schrijver heeft gepresenteerd, iets doorschemeren over zijn werk, en de reacties daarop.

Maar interessanter is zijn poging om te verwoorden wat hem angst aanjaagt; zoals dat hij zich zo makkelijk kan indenken zich nog bij zijn vorige lief te bevinden. Terwijl de ‘ik’ die hij toen was hem inmiddels vreemd is.

Keuschnig heeft een zoon, die hij altijd het kind noemde — net als Handke deed in zijn boek Das Gewicht der Welt, en zoals ook heel kenmerkend gebruikt is in de film Himmel über Berlin; waarvoor Handke het script schreef.

En zo zijn er wel meer details die erop wijzen dat de hoofdpersoon veel van de eigenlijke auteur van het boek heeft.

[ lees mijn ervaringen met Mein Jahr in der Niemandsbucht hier ]


Mein Jahr in der Niemandsbucht | t/m 258
Peter Handke

Het tweede boekdeel van deze roman gelijkt het eerste. En toch ook helemaal niet. Het verhaal is wel precies hetzelfde. Man, die niet helemaal toevallig schrijver is, maakt een moeilijke periode in zijn leven door, en beseft nog net dat het anders moet.

Belangrijk verschil tussen de beide eerste boekdelen is alleen dat het eerste dit probleem omsingelt, en dat het tweede alles wel rechtstreeks beschouwt — voor zo ver beschouwingen ooit rechtstreeks kunnen zijn.

Dus blijft het onmogelijk om samen te vatten wat er plaatsvindt. Er vindt nu eenmaal niets direct plaats. Alles wordt terugkijkend beschreven. Zelfs als de man gaat wandelen, in het bos, gaat de tekst over zijn gedachten over dat wandelen. En dat levert dan observaties op als de bossen zo dicht bij Parijs niet echt te herkennen zijn als bos. Zo staan er meestal huizen voor.

Ook reist hij op andere plaatsen rond, onder meer in zijn geboortestreek Tirol.

En tegelijk verveelt het boek nog geen tel, waardoor dat ik zeker nog niet geneigd ben het leestempo te verhogen. Mein Jahr in der Niemandsbucht is een gebouw aan taal. Onopvallende taal. Een taal die zich in elk geval niet opdringt om te laten zien hoe slim de schrijver is. Wat Handke wel lukt, is iets oproepen dat een leesroes wordt.

Misschien dat de roman dus niet meer is dan een hypnotische truc om verder alle benul bij de lezer uit te schakelen. Maar dan nog…

[ lees mijn ervaringen met Mein Jahr in der Niemandsbucht hier ]


Mein Jahr in der Niemandsbucht | t/m 434
Peter Handke

Komende week begint het echt. Haast is het boek uit. En eindelijk ben ik bij het boekdeel aanbeland waarin de schrijver zal verhalen over dat ene jaar uit zijn leven, in de Niemandsbaai.

Hiervoor kwamen drie boekdelen langs waarin om dat jaar heen gecirkeld werd. Het hele derde deel gaat weliswaar ook steeds om reizen, en over betekenisvolle periode in iemands leven, maar dat zijn wel de geschiedenissen van vrienden. Die bieden allicht parallellen, maar zijn toch niet het echte verhaal.

Het eerste hoofdstuk uit het vierde deel, dat ik de afgelopen dagen las, legde dan eindelijk uit waar dat ‘baai’ uit de titel wegkomt. Want, de hoofdpersoon woont nu eenmaal even onder Parijs,en heel veel zee is daar niet.

Toch, vanaf een helling bekeken ligt de huizenmassa waar hij woont tussen de beboste heuvels als een zee omringd kan worden door hoogte.

Overigens heb ik inmiddels de oerversie van het boek erbij; de hardcover zoals die in 1994 uitkwam. En in deze druk heeft Mein Jahr in der Niemandsbucht inderdaad meer dan duizend pagina’s. Wat dan komt omdat de bladzijden grote witmarges hebben, als om te benadrukken dat de lezer geen gewoon boek in handen heeft, maar zoiets als een dichtbundel; waarin het er ook zo toe doet wat er niet op de pagina staat.

Benieuwd of de komende week nog iets fundamenteels verandert aan het beeld dit ik inmiddels van deze roman heb gekregen.

[ lees mijn ervaringen met Mein Jahr in der Niemandsbucht hier ]


Mein Jahr in der Niemandsbucht | t/m 585
Peter Handke

De roman Mein Jahr in der Niemandsbucht speelt zich af in de toekomst. Het is 1997 in het boek. Terwijl Handke het schreef in 1993. In het boek kijkt de hoofdpersoon, die schrijver is, terug op een jaar dat hij zich had teruggetrokken in een plaats tussen de Seine-heuvels.

Daardoor lijkt het of Handke iets probeert te doen met wat hem net overkomen is, door wat afstand in te bouwen.

Tegelijk was mijn belangrijkste associatie anders. Zoals Handke dat ene jaar in de Niemandsbaai beschrijft, in het langste hoofdstuk uit de roman, moest ik juist erg denken aan zijn aantekenboeken, zoals Das gewicht der Welt.

Het eerste wat de hoofdpersoon doet, voor hij zijn sabbatical neemt, is alle aantekenboeken met al zijn ideeën voor nieuwe boeken weggooien. In die twaalf maanden vol afzondering is hij evenwel vooral bezig met schrijven. In de natuur.

Dit doet me te veel denken aan de heruitvinding die Handke deed twintig jaar daarvoor.

Ik trainde mij er nu in om op alles wat op mij afkwam onmiddellijk met taal te reageren, en ik ontdekte dat op het moment van het beleven juist deze tijdsprong lang ook de taal ging leven en meedeelbaar werd; een moment later zou het al weer de dagelijkse gehoorde, van vertrouwdheid nietszeggend geworden, hulpeloze ‘je-begrijpt-wel-wat-ik-bedoel’-taal van het communicatietijdperk zijn geworden. Een tijdsprong lang werd de woordenschat, die dag en nacht door mij heentrok, concreet.

En veel van de ideeën uit De last van de wereld zijn daarna in boeken en scripts terecht gekomen. Het hele proces dat voorafging aan zijn poging eens iets anders met taal te doen, was evenwel nog niet als verhaalelement gebruikt.

Maar allicht is dat te simpel gedacht. Ik zou Handke’s biografie ook naast het tijdpad van het boek moeten leggen, om te zien of deze theorette klopt. Bovendien is zijn zoon in deze roman niet altijd kind meer, want ook weleens oud genoeg om Europa rond te trekken.

Enfin. Volgende week: het laatste hoofdstuk. De week daarop, mijn boeklogje over deze roman.

[ lees mijn ervaringen met Mein Jahr in der Niemandsbucht hier ]


Mein Jahr in der Niemandsbucht | t/m slot
Peter Handke

Een luttele tweeënveertig pagina’s telde het laatste hoofdstuk van de roman. En toch wilde ik daar nog een extra week mee doen. Ik verwachtte namelijk iets. Een afronding misschien, of wellicht het afhechten van alle losse verhaallijnen.

De motivatie waarom dit boek er zo moest uitzien, wellicht.

En voor een deel kwam dat uit. Alsof Mein Jahr in der Niemandsbucht een avontuur van Asterix was geweest, zo kwamen vrijwel alle personages samen in Frankrijk voor een slotmaaltijd. En zij spraken daarbij. Hardop.

En zo schreef Handke met een omweg een essayistisch betoog over de waarde van het vertellen — en het zich daardoor verplaatsen in anderen. Heel het boek samengebald in éen hoofdstuk, over een dag, de laatste dag, in de Niemandsbaai.

Daarop aan mij nu de taak om iets te maken, in een boeklogje, van een roman die enerzijds een roezige reis in taal was, en anderzijds bijzonder weinig feiten aandroeg waarmee handig een samenvatting te schrijven is.

Boeklogje volgt hopelijk volgende week.

[ lees mijn ervaringen met Mein Jahr in der Niemandsbucht hier ]


Mein Jahr in der Niemandsbucht | oordeel
Peter Handke

[…] Tezamen is dit boek een poging geworden, volgens mij, om iets over de aard van schrijven te onderzoeken. Schrijven is nu eenmaal ordenen, en vormgeven, en weglaten, en iets benadrukken, en de activiteit komt soms met de eis om een onderwerp eens helemaal van de andere kant benaderen om het te kunnen begrijpen.

Bovendien is de hoofdpersoon van het boek ook daadwerkelijk een auteur, die genoeg succes met zijn boeken heeft geoogst om het eens een jaar zonder werken te doen. […]

boeklog 29 iv 2011


Die Stunde der wahren Empfindung
Peter Handke

[…] Mein Jahr in der Niemandsbucht is het rijpere boek, omdat Handke daarin niet expliciet vertelt waarom de hoofdpersoon ineens uit het lood geslagen wordt, en zo veel tijd nodig heeft om te herstellen.

Die Stunde der wahre Empfindung lijkt een veel klassieker verhaal, omdat er een val in voorkomt, en een catharsis. Tegelijk geloof ik het uitgangspunt niet; of de reden die Handke daarvoor geeft. […]

boeklog 30 iv 2011


De geschiedenis van het potlood
Peter Handke

[…] Al deze verzamelingen volgen eenzelfde recept. Ze tonen zijn oefeningen om te kijken, en op wat hij ziet te reageren in taal. Maar omdat Handke daarnaast meestal ook met echt scrhijfwerk bezig is, dienen de aantekening ook als verkenning; als trage omsingelingen van de juiste zin.

Daarom zijn dit waarschijnlijk allemaal boeken die houdbaarder blijven dan zijn romans, essays, of toneelstukken. Omdat ze niet af zijn. […]

boeklog 14 iv 2013


Noch einmal für Thukydides
Peter Handke

[…] Het was met deze uitgave alsof Handke telkens een foto, of zo’n Vine video van vijf seconden, navertelde in woorden. Nadruk leggend op details die anders ongezien zouden zijn gebleven.

Alleen gebeurt er niets bijzonders in dat beeld — voor mij als lezer tenminste. […]

boeklog 12 iv 2015


Versuch über den Stillen Ort
Peter Handke

[…] Versuch über den Stillen Ort is allereerst een persoonlijke verkenning naar de andere betekenis van die kleine ruimte, even, achter de deur die op slot kon. Dus komt ineens Handke’s verste verleden langs, van hoe hij op een internaat zat. Waar het toilet een toevluchtsoord was om meer dan alleen de dringendste lichamelijke redenen.

Het hulpmiddel bij de grote wens om even asociaal te mogen zijn. Uit ieders oog weg. […]

boeklog 17 x 2015


Ein Jahr aus der Nacht gesprochen
Peter Handke

[…] Zelden zo’n duidelijke illustratie gezien kortom van het gegeven dat schrijven allereerst een vorm van communicatie is. Want als een auteur al geen enkel doel had met wat deze optekende, als diens zinnen al niet eens dienden om voor hemzelf iets te verhelderen, dan hebben al die woorden anderen wel heel erg weinig te melden. […]

boeklog 31 x 2015